Amsterdam te optimistisch over bezoek

Het college van B en W van Amsterdam heeft de kandidaat-kooplieden voor de opening van de Y-markt te rooskleurige bezoekersaantallen voorgespiegeld. De prognose van twee miljoen bezoekers per jaar ontleende toenmalig wethouder P. Jonker (economische zaken) aan een onderzoek dat zich op een andere markt had gericht.

Dat stelt directeur D. Hendricks van onderzoeksbureau Kolpron, die een onderzoek verrichtte naar de kansen van de Y-markt. Volgens Hendricks heeft zijn onderzoek uit 1989 echter betrekking op een Oosterse markt die direct achter het Centraal Station zou worden gevestigd en heeft de gemeente de bezoekersprognoses ten onrechte op de huidige Y-markt toegepast.

De Y-markt werd in oktober geopend aan de Westerdoksdijk, een meer afgelegen locatie in de haven. Er komen een paar honderd bezoekers per dag. Vijftig van de 200 ondernemers hebben hun kraampje alweer gesloten. De gemeente heeft onlangs erkend dat de plek verkeerd is gekozen en heeft de huurinning voorlopig opgeschort. Volgens Hendricks viel te verwachten dat de bezoekersaantallen bij lange na niet zouden uitkomen op twee miljoen: “De wandeling naar de Westerdoksdijk is echt geen pretje. Een markt nabij het station had veel meer bezoekers getrokken.”

Ex-wethouder Jonker, die verantwoordelijk was voor vestiging van de Y-markt, stond naar eigen zeggen onder “politieke druk” om een Oosterse markt te beginnen. “Er was geen tijd een marktonderzoek te laten uitvoeren naar kans van slagen voor een markt aan de Westerdoksdijk.” Volgens het college van B en W waren de beide plannen vergelijkbaar. “Een apart onderzoek leek ons niet nodig”, aldus Jonker.