Rwanda en Burundi

Met verwijzing naar mijn artikel in NRC Handelsblad van 17 mei en de reactie op Wesselings stelling in hetzelfde blad van 9 juni dat het in Afrika ontbroken heeft aan het aankweken van nationaal besef, wijs ik er nogmaals op dat dit laatste allerminst opgaat voor Rwanda en Burundi.

Beide staten zijn cultureel en taalkundig zeker niet minder homogeen dan pakweg Frankrijk of Engeland en vormen al sinds eeuwen staatkundige eenheden. Zij zouden wat dat betreft een voorbeeld kunnen zijn voor alle andere staten in Afrika ware het niet dat beide landen gespleten zijn door de op sociaal-economische gronden berustende tegenstelling Tutsi-Hutu. Waar het in Afrika aan ontbroken heeft is niet dat men onvoldoende in nationbuilding heeft gedaan zoals Wesseling stelt, maar dat men lange tijd de etnische verscheidenheid niet realistisch heeft willen onderkennen. Men zag het beklemtonen van de culturele eigenheid van afzonderlijke etnische groepen niet geheel ten onrechte als een bedreiging van de eenheid van de natie en als een vorm van tribalisme.