Natuurkundigen kijken naar maan voor meten klimaatsverandering

Amerikaanse natuurkundigen experimenteren met een uiterst goedkope techniek om klimaatsveranderingen te meten. Wat ze registreren is de reflectiviteit of albedo van de aarde. Ongeveer 30% van het zonlicht wordt door vegetatie, oceanen en wolkendek terug de ruimte in gekaatst. Een teruggang in de albedo van een procent kan al leiden tot een wereldwijde temperatuurstijging van enkele graden.

De albedo van de aarde wordt normaal gesproken vanuit de ruimte gemeten door satellieten. Die zijn echter duur en gevoelig voor storingen, terwijl de meetseries zich niet verder uitstrekken dan enkele decennia. Onderzoekers van de universiteit van Arizona en het California Institute of Technology meten hem nu echter vanaf de aarde, door de terugkaatsing van het aardlicht - de 'aardschijn' - door de maan te registereren.

Bij nieuwe maan is behalve de helverlichte sikkel ook de omtrek van het donkere gedeelte zichtbaar. Dit komt door de 'aardschijn': het door de aarde gereflecteerde zonlicht. Exacte meting van de hoeveelheid aardlicht die op de maan valt, geeft in principe een betrouwbare maat voor de albedo van de aarde, waardoor lange-termijn veranderingen aan het licht kunnen komen.

De onderzoekers borduren voort op een idee dat al dateert uit de jaren twintig van deze eeuw. De Franse astronoom André Danjon en zijn student J.E. Dubois hebben de methode tot in de jaren vijftig toegepast. Daardoor is in principe vergelijking mogelijk met veel oudere meetwaarden, dus uit het tijdperk vóór de ruimtesatellieten.

Danjon's apparaat werkte met een telescoop waarin nauwkeurig de intensiteit van het licht van de 'aardschijn' met die van de gewone, veel helderder maneschijn kon worden vergeleken. De Amerikaanse onderzoekers zochten de oorspronkelijke apparatuur van Danjon op, ijkten deze en gingen zelf aan de slag. Ze verkregen een meetserie die weliswaar wijst op lange-termijn fluctuaties in de albedo van de aarde, maar die geen direct verband te zien geeft met een eventueel broeikaseffect. De fluctuaties zijn veel grootschaliger dan kan worden verklaard op grond van 'ruis', maar hun oorzaak is voorlopig nog niet duidelijk. (Science, 10 juni).