Angst en speculaties beheersen Terneuzen

TERNEUZEN, 16 JUNI. “Misschien staan ze de volgende keer op ons te wachten aan de overkant van de straat. Daar moet je iets tegen kunnen doen”, zegt Adem (28). Met zijn vrienden zit hij te kaarten in het Turks Cultureel Jongerencentrum Anadolu op het industrieterrein van Terneuzen. Oudere Turkse mannen, in de moskee bijeen, zeggen te vrezen dat er rellen uitbreken.

Brandstichtingen en racistische bekladding zijn onder de 600 Turken in Terneuzen het gesprek van de dag. Vorige week probeerden onbekenden twee keer brand te stichten in het jongerencentrum en in de Turkse moskee in de binnenstad. De muren werden beklad met racistische leuzen.

Niet alleen de Turken in Terneuzen zijn bang, ook bij medewerkers van Vluchtelingenwerk en van de Stichting Welzijn heerst “zware dreiging”, zegt J. Snelders, directeur van de Stichting Welzijn. Zondagnacht waren zijn huis en dat van de voorzitter van Vluchtelingenwerk, H. van de Haar, het doelwit van poging tot brandstichting. Een dag later werd de voordeur van het PvdA-raadslid E. Kerckhaert in brand gestoken. Snelders: “Iemand haalt met een markeerstiftje namen uit de krant van mensen die zich inzetten voor vluchtelingen. Wie is de volgende?”

De bedreigingen gaan door. Gisteren ontvingen Snelders en Van de Haar anonieme brieven. Het was de 'geachte heren' nu toch voldoende duidelijk gemaakt dat ze moesten stoppen met hun werk voor vluchtelingen, aldus de schrijver. Snelders: “Dit sterkt mij in het voornemen door te gaan.”

In januari nam de gemeenteraad van Terneuzen, onder druk van minister d'Ancona (WVC), het besluit tijdelijk 300 asielzoekers onder te brengen in het Roosevelthotel. Daarna werden hakenkruizen en racistische leuzen geklad op de muren van het hotel en op huizen en openbare gebouwen van de stad. Bij het Roosevelthotel kwam twee bommeldingen binnen. Een voicerecorder registreert nu alle inkomende gesprekken. Buiten hangen vier camera's.

“Het moet één persoon zijn of een klein groepje”, zegt burgemeester R. Barbé. “Anders was er in zo'n kleine gemeenschap als Terneuzen al lang meer over naar buiten gekomen.” Onder de bevolking gaan geruchten dat de aanslagen het werk zijn van “Turken die met elkaar afrekenen”. Volgens een Turkse bezoeker van shoarmatent Gülzijn zijn “de Joegoslaven” die concurreren met Turkse drugshandelaren, verantwoordelijk voor de acties.

Ook Snelders van de Stichting Welzijn vindt dat de wijze waarop de bedreigingen worden uitgevoerd niet wijzen op racistisme. Hij vermoedt dat drugsbazen in Terneuzen bezig zijn de aandacht van de politie te verleggen van de drugshandel naar dit soort acties. Maar volgens G. Piscaer, fractievoorzitter van GroenLinks in de gemeenteraad, is er geen enkele aanwijzing voor die veronderstelling. Het raadslid heeft regelmatig contact met zes grote drugsbazen in de stad. “Zij willen het liefst helemaal geen publiciteit over Terneuzen, ook niet om de aandacht af te leiden. En voor een moskee hebben zelfs deze mensen te veel respect.”

De drugshandel in de grensstreek met België is wel een belangrijke voedingsbodem voor extreemrechts, zegt Piscaer. Bij de Tweede Kamerverkiezingen stemde ruim vier procent van de bevolking op de CD. De afgelopen jaren is de drugscriminaliteit in Terneuzen dramatisch gestegen. Bij invallen in drugspanden worden steeds vaker grote hoeveelheden wapens aangetroffen.

De historicus Wesseling schreef in 1984 bij het 400-jarig bestaan van Terneuzen nog dat het stadsbeeld in de jaren tachtig weliswaar was gewijzigd, maar “wat gebleven is, zijn de banken met pratende of stil voor zich uit starende bejaarde mannen”. Tien jaar later is dat niet meer zo. De havenstad is overgenomen door drugsdealers die voorbijgangers agressief benaderen met hun lucratieve waar.

De directeur van het asielzoekerscentrum in het Roosevelthotel, N. Berentsen, verklaart de populariteit van extreemrechts in Zeeuwsvlaanderen uit “de angst voor het onbekende”. Over de bewoners van het Roosevelthotel gaan in Terneuzen wilde verhalen. Zo zouden ze in de kinderboerderij de kippen levend hebben opgegeten.

Burgemeester Barbé signaleert “groeiende onvrede” in zijn stad: “Veel mensen hebben het gevoel dat er alleen aandacht is voor drugsproblemen in de grote steden.” Het raadslid Piscaer weet te vertellen dat de bevolking in de binnenstad plannen heeft om burgerwachten op te richten. Hij gelooft niet dat de mensen in Terneuzen racistisch zijn. “Maar het klimaat is nu wel gunstig voor de aanslagen en bekladdingen van de afgelopen maanden.”