Wat was de vraag?

OP 6 MEI, drie dagen na de parlementsverkiezingen, gaf de koningin informateur Tjeenk Willink de opdracht te onderzoeken “welke mogelijkheden op basis van de verkiezingsuitslag aanwezig zijn voor de vorming van een kabinet dat mag rekenen op een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal”. Een week later kwam Tjeenk Willink met zijn antwoord. Na gesprekken met alle fractievoorzitters concludeerde de informateur dat een kabinet, steunend op PvdA, VVD en D66, de enige mogelijkheid was die op dat moment kon worden onderzocht. Voor het nadere onderzoek stelde hij voor drie informateurs te benoemen.

De koningin benoemde dit drietal op 14 mei met als opdracht “op zo kort mogelijke termijn een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheid van de vorming van een kabinet van PvdA, VVD en D66”. Na een maand is het antwoord nog steeds niet gegeven. Wel blijken meer mensen dan alleen de drie informateurs en de drie betrokken fractievoorzitters zich met deze vraag bezig te houden. Op diverse niveaus buigen fractieleden van PvdA, VVD en D66 zich over mogelijke teksten voor een regeerakkoord. Terwijl de fractieleiders worstelen met macro-economische grootheden, praten de fractieleden over het beleid ten aanzien van de grote steden, het bestuur en de veiligheid. Op de vraag van een maand geleden naar de mogelijkheid van de vorming van een 'paars' kabinet, komt straks een compleet regeerakkoord als antwoord.

De informateurs gedragen zich bij deze kabinetsformatie als formateurs. Tot in details houden ze zich bezig met het opstellen van een regeerakkoord dat de coalitie-partijen op essentiële punten voor vier jaar zal binden. Een dergelijke taak is weggelegd voor een formateur, die aan het parlement verantwoording verschuldigd is. Informateurs opereren in een schemergebied. Ooit bedoeld als figuur om de eerste obstakels op weg naar een coalitie weg te nemen, is de informateur uitgegroeid tot een volwaardig aannemer. Maar wel één zonder de daarbij behorende parlementaire controle.

EEN HALF JAAR geleden zei premier Lubbers in de Tweede Kamer tijdens het debat over staatkundige vernieuwing dat de opdracht aan de informateur “zeer in de tijd beperkt” zou moeten zijn. De praktijk is anders. De drie informateurs zijn vandaag een maand bezig. Het kan nog altijd mislukken, zeggen de drie fractievoorzitters die onder hun leiding onderhandelen. Anders gezegd: het is nog te vroeg voor een formateur. 'Paars' zou moeten leiden tot een omslag in de politieke cultuur. De gang van zaken bij deze kabinetsformatie wijst daar nog niet op.