Legertop vreest nieuwe kortingen

DEN HAAG, 14 JUNI. Bij de top van de krijgsmacht bestaat steeds grotere twijfel of afslanking en herstructurering van land-, lucht- en zeemacht kunnen worden uitgevoerd. De bezuinigingen tot nu toe, de onzekerheid of een deel van de vredesoperaties door andere ministeries of partners in de NAVO wordt bekostigd en de voornemens van de politieke voormannen van de 'paarse coalitie' voor verdere bezuinigingen op Defensie zijn de oorzaak van de onrust bij deze opper- en vlagofficieren.

Zij moeten de Prioriteitennota, de grootste hervormingsoperatie na de Tweede Wereldoorlog, uitvoeren. Verkleining zonder voldoende nieuwe investeringen leidt volgens hen tot een fiasco. Op verzoeken van NAVO of VN voor steun aan vredesoperaties zal Defensie volgens de hoogste militaire leiding in de toekomst vaker nee moeten zeggen. Op internationale fora heeft de Nederlandse regering keer op keer de bereidheid getoond om hierin een voortrekkersrol te vervullen en en passant niet geschroomd andere, vooal Europese landen, te verwijten dat zij achterblijven.

Die internationale vredesacties accentueerden niet alleen het Nederlandse buitenlandse beleid, maar gaf de militair moed voor de toekomst. Het was een niet geringe stimulans om de diep ingrijpende hervormingsplannen loyaal uit te voeren. Als nieuwe bezuinigingen leiden tot een tekort aan geavanceerd materieel zal de krijgsmacht ook een minder aantrekkelijke werkgever worden, zo voorspellen de militairen die belast zijn met de uitvoering van de Prioriteitennota. Bij het wegvallen van de opkomstplicht moet Defensie ieder jaar vijfduizend militairen werven op een arbeidsmarkt waar zij niet gewend is te opereren en waar het in bepaalde gevallen dringen is (beter geschoolden).

In de Prioriteitennota wordt het leger gehalveerd en zal de toekomstige krijgsmacht alleen met beroepskrachten werken. Die grootscheepse operatie kreeg een jaar geleden de steun van alle politieke partijen omdat behalve verkleining ook de verbetering van de krijgsmacht werd zeker gesteld: sneller, mobieler en met modern materieel en luchttransportmiddelen ook goed op nieuwe taken berekend.

Wordt er door een nieuw kabinet nog meer op Defensie bezuinigd dan komen die plannen in gevaar, zo meent de top van de krijgsmacht. Weliswaar heeft demissionair minister Ter Beek al vaak gewaarschuwd dat het vet eraf is bij Defensie, maar zijn eigen partij, de PvdA, is voorstander van verdere bezuinigingen. Zij heeft in het verkiezingsprogramma geschreven dat er in de komende kabinetsperiode nog eens 500 miljoen gulden op die begroting bezuinigd moet worden. D66 en VVD achten de grens van bezuinigingen hier bereikt, maar ook die twee partijen geven niet de verzekering dat Defensie bij de grote nieuwe bezuinigingsronde tijdens de kabinetsformatie gespaard zal blijven.

Eind deze week komt er een openbare aanbeveling van de adviesraad Vrede en Veiligheid aan de ministers van buitenlandse zaken en defensie waarin de zorgen over de mogelijkheid om de Prioriteitennota in de komende jaren alsnog zonder wijzigingen uit te voeren met de krijgsmachtstaven worden gedeeld. De adviesraad is het eens met de Federatie van Verenigingen van Nederlandse Officieren (18.000 leden) die in een brief aan de informateurs schrijft dat verdere bezuinigingen overantwoord zijn omdat “nieuwe conflicten en spanningen zich in toenemende mate in en in de onmiddellijke nabijheid van Europa openbaren”.

Enkele dagen geleden heeft de scheidende staatssecretaris belast met de aanschaf van materieel, A. Frinking (CDA), ook gewaarschuwd dat de goedgekeurde Prioriteitennota niet uitgevoerd kan worden bij verdere bezuinigingen. Frinking zegt dat in de afgelopen kabinetsperiode de reële defensiebegroting met twintig procent is gedaald. Nederland geeft overigens dit jaar met 13,5 miljard gulden twee keer zoveel als België uit aan het in stand houden van de krijgsmacht.

Frinking voorziet dat een tekort aan financiële middelen een slechte uitstraling heeft bij het werven van beroepspersoneel en dat duizenden functies zullen vervallen voor mensen die een 'levenslang' contract hebben bij Defensie als door geldgebrek de herstructurering maar half wordt uitgevoerd.

De landmacht maakt zich zorgen dat het nieuwe kabinet niet zal overgaan tot de aanschaf van veertig gevechtshelikopters of slechts een kleiner aantal zal bestellen. Op die manier wordt de Luchtmobiele Brigade, het paradepaardje van de landmacht waarmee overal wordt geadverteerd om maar voldoende belangstellenden te vinden, enigszins vleugellam in de ogen van de staf van de landmacht. Terwijl bij dit krijgsmachtonderdeel de meeste banen verdwijnen en de grootste aanpassingen moeten worden uitgevoerd, valt de bijl ook dit keer hier het eerst, zo vreest het.

Officieren van de staf voorspellen dat verdere reducties zullen leiden tot apathie en steeds minder motivatie om de nieuwe plannen uit te voeren. Het feit dat Ter Beek, een demissionaire minister, nu al veertien maanden voor diens aantreden een chef Defensiestaf (de hoogst verantwoordelijke militair voor het uitvoeren van de hervormingen en de voornaamste adviseur van de minister bij het verdelen van de begrotingsgelden) heeft gerecruteerd bij de mariniers, luitenant-generaal H. van den Breemen, is voor hen een somber voorteken. Zij vragen zich af of de huidige chef defensiestaf, landmachtgeneraal Van der Vlis, nog voldoende autoriteit behoudt om het gevecht met de politici aan te gaan bij nieuwe bezuinigingsrondes.