Italiaanse oppositieleider Occhetto treedt af na nederlaag

ROME, 14 JUNI. De Italiaanse oppositieleider Achille Occhetto, secretaris van de ex-communistische Democratische Partij van Links, is gisteren afgetreden na het tegenvallende resultaat voor zijn partij in de Europese verkiezingen.

Het is voor het eerst in de geschiedenis van de partij dat een leider opstapt wegens een politieke nederlaag. De 58-jarige Occhetto is de laatste politieke leider van het oude bestel die het veld ruimt. “Nu is de Tweede Republiek werkelijk begonnen”, schrijft de linkse krant La Repubblica vanmorgen.

De positie van Occhetto stond al onder druk na de nederlaag van links in de parlementsverkiezingen eind maart. Hem wordt verweten geen antwoord te hebben gevonden op de intrede in de politiek van mediamagnaat Silvio Berlusconi.

In maart was het verschil tussen de PDS en Berlusconi's partij Forza Italia nog minder dan een procent. Bij de Europese verkiezingen steeg Forza Italia naar 30,6 procent en is het verschil opgelopen tot meer dan elf procent. Ook in absolute zin heeft de PDS verder terrein verloren. Zij zakte van 20,4 procent in maart naar 19,1 procent zondag.

In een brief aan het partijbestuur schreef Occhetto dat hij met zijn aftreden polemieken rondom zijn persoon wil vermijden en wil voorkomen dat de discussie binnen links voornamelijk gaat over het leiderschap in plaats van over de vraag hoe links zich politiek kan vernieuwen.

De toon van zijn brief was bitter. Occhetto schrijft dat tegenover de snelle opkomst van rechts “een deel van links er de voorkeur aan geeft zich te laten gaan in het abstracte en zichzelf beschadigende spel van het zoeken naar een leider.” Hij schrijft dat hij daar persoonlijk onder heeft geleden, en vervolgt dat “de positie van de belangrijkste politieke kracht van Italiaans links in gevaar” is.

In de campagne voor de verkiezingen van maart heeft Occhetto op vrijwel alle fronten het onderspit gedolven tegenover Berlusconi. Hij komt sympathiek over, maar heeft minder charisma en minder daadkracht. Hij kon minder goed duidelijk maken wat het programma van zijn alliantie was. En tegenover de groep kiezers die vernieuwing bovenaan hun prioriteitenlijst hadden staan heeft hij zich onvoldoende als een vernieuwer weten te profileren.

Occhetto, partijlid sinds zijn zeventiende, werd in 1988 gekozen tot secretaris van de Italiaanse communistische partij, toen de grootste communistische partij in West-Europa. Na de val van de Muur eind 1989 is hij de partij voorgegaan in een moeizaam en traumatisch proces van naamsverandering. Dat was een poging van de partij het centrum te maken van een brede nieuwe linkse partij, maar die opzet is mislukt. Ook na de naamsverandering in Democratische Partij van Links is Occhetto verweten niet volledig afstand te hebben genomen van zijn verleden, waarbij de kritiek zich minder op de inhoud richtte als wel op de stijl.

Woordvoerders van Occhetto hebben gezegd dat zijn aftreden onherroepelijk is. Het was vanmorgen nog onduidelijk op welke termijn de partij een nieuwe leider wil hebben. De belangrijkste interne kandidaten zijn Massimo D'Alema, de huidige tweede man en bijna een persoonlijke vijand van Occhetto, en Walter Veltroni, de hoofdredacteur van de partijkrant l'Unità. Sommigen pleiten voor verdergaande veranderingen en willen de vorming van een veel bredere linkse alliantie, die geleid zou moeten worden door iemand die niet wortelt in het communistische verleden van de PDS. Onofficiële aanvoerder van deze groep is de filosoof Massimo Cacciari, burgemeester van Venetië. Cacciari is geen lid meer van de partij, maar is steeds een onafhankelijk kandidaat geweest.

Occhetto is niet het enige slachtoffer van de Europese verkiezingen. Ook de leiders van twee kleine linkse partijen die een lijstverbinding waren aangegaan, zijn gistermiddag afgetreden: Ottaviano Del Turco van de socialistische partij en Willer Bordon van de Democratische Alliantie. De twee bleven steken op 1,8 procent, bijna de helft minder dan de partijen samen in maart haalden.