Pianist Krystian Zimerman geeft een volmaakt recital

Concert: Krystian Zimerman (piano). Gehoord: 12/6, Concertgebouw, Amsterdam. Herhaling: 13/6 Vredenburg Utrecht.

Valt er eigenlijk iets op de pianist Krystian Zimerman aan te merken? De vraag dringt zich op na het recital dat Zimerman gisteravond gaf in het Amsterdamse Concertgebouw. Om te beginnen was er zijn fantasievolle programma, een zeldzame poging de ingesleten paden door de pianoliteratuur links te laten liggen. Zimerman koos zes variatiewerken of composities die volgens hem zo opgevat kunnen worden, zoals de Valses nobles et sentimentales van Ravel. Zonder blikken of blozen combineerde hij de Nederlandse première van de zeven Leichte Variationen für Klavier van de twaalfjarige Schubert met de razend complexe Variaties voor piano opus 27 van Anton Webern. Hij brak een lans voor de Variaties in b opus 10 over een Pools thema van Karol Szymanowski, een jeugdwerk uit 1899, en hernam de Variations serieuses van Mendelssohn.

Dit onalledaagse programma bood Zimerman de kans alle aspecten van zijn meesterschap te tonen. Teruggebracht tot de kern steunt zijn fabelachtige pianospel op het vermogen uiterste precisie en technische beheersing te combineren met een grote muzikale uitdrukking en een feilloze intuïtie voor klankschoonheid. Geen detail in de notatie ontsnapt aan zijn aandacht, maar het krijgt altijd een plaats in een grotere samenhang. Zo zullen de dynamische schakeringen in de Webern-variaties zelden overtuigender, muzikaler gespeeld zijn. Schuberts kindercompositie (de pianist acht de authenticiteit overigens niet bewezen) benaderde Zimerman met een respectvolle eenvoud, waar hij in Mendelssohn juist de virtuositeit benadrukte. Ravels walsen klonken onwaarschijnlijk geraffineerd, soms fel verend uit de toetsen, dan weer glasachtig zingend in het schemergebied tussen klank en stilte.

Tijdens zijn studie overwoog Zimerman korte tijd om organist te worden en in die periode was Bachs Passacaglia en fuga in c BWV 582 een obsessie voor hem. Het liefst had hij dit werk tijdens zijn tournee op het orgel gespeeld, maar omdat te weinig zalen over een goed instrument beschikten, maakte hij zelf een transcriptie voor piano die hij opdroeg aan de in februari overleden Poolse componist Witold Lutoslawski. Zimerman liet hij zijn vleugel overtuigend klinken als een orgel. De rijkdom aan onzichtbare registers die hij suggereerde, viel met enige fantasie op te vatten als een thema waarover hij de hele avond bleef variëren.