Oostenrijk verrast

DE OOSTENRIJKSE bevolking heeft voor een verrassing gezorgd. Terwijl tot het laatst spannend leek of Oostenrijk nu wèl of niet lid zou worden van de Europese Gemeenschap, bleek gisteren een overtuigende meerderheid de stap te willen wagen. Dat driekwart van het oostelijke Burgenland zich vóór de Europese Gemeenschap uitsprak, is misschien niet zo verrassend, want dat gebied kan fikse subsidies uit de Brusselse pot verwachten. Maar dat zelfs het kritische Tirol met 57 procent voor Europa heeft gestemd, tart elke deskundigheid van opiniepeilers. Juist in Tirol kwamen allerlei redelijke en emotionele bezwaren tegen internationalisering van het economische en sociale leven samen: subsidies voor bergboeren moeten worden aangepakt, de chaotische file vrachtauto's over de Brenner kan wat moeilijker een halt worden toegeroepen en het wordt wat ingewikkelder om buitenlandse (lees: Duitse) liefhebbers van vakantiewoningen uit de Tiroolse Alpen te weren.

Voor de Oostenrijkse economie is de aansluiting een krachtige impuls en de consument kan rekenen op prijsdalingen van vijftien à twintig procent. De middenstand in Oostenrijk zal de scherpere concurrentie voelen en de Oostenrijkse staat wordt een netto-betaler aan Brussel - zo'n 800 miljoen gulden vanaf volgend jaar.

Hoewel Oostenrijk nog zal moeten werken aan een enigszins coherent buitenlands- en veiligheidsbeleid in de Gemeenschap, is de toetreding toe te juichen. Hoewel de stemming in de Europese Unie slecht en de vertwijfeling over doel, richting en tempo overal tastbaar zijn, hebben Oostenrijk en de Unie zoveel verstrengelingen dat Wenen als partner binnen de Unie thuishoort om daar mee te spreken. In potentie kan het land zelfs vrij snel tot de binnenste ring van geïntegreerde landen behoren, want de shilling is al jaren gekoppeld aan de D-mark.

HET OVERTUIGENDE referendum van gisteren straalt ongetwijfeld ook uit naar de Scandinavische landen en niet uitgesloten is dat de Europese Unie aan het eind van het jaar flink groter is geworden. Dat is dan een succesje voor commissaris Van den Broek, die de onderhandelingen heeft gevoerd, maar het confronteert de Unie tegelijk met een probleem van bestuurbaarheid en besluitvorming. In de praktijk zal een uitbreiding welhaast onvermijdelijk tot een opvallendere rol van de grote Unie-landen leiden.