Nachtballet van vuurwerk boven Terschelling

Voorstelling: All Along The Lighttower door Terschelling's Oerol Produkties. M.m.v. Teatro del Silencio (Chili), Orkater, Peter Zegveld, Slagerij van Kampen e.v.a. Gezien 12/6 West-Terschelling.

Het weidse wad bij Terschelling vormt het podium, de hemelkoepel zorgt voor de akoestiek: dat was het geheim van het jaarlijkse openluchttheaterfestival Oerol - officieel sinds vorig jaar opgeheven, maar in de praktijk dit jaar herleefd. Zelfs voorbijvliegende meeuwen kunnen onderdeel gaan uitmaken van een van de talloze voorstellingen. Zaterdagavond werd met muziek en theater het vierhonderdjarig bestaan van vuurtoren de Brandaris gevierd, deze zandsteenkleurige kolos die sinds 1594 zijn vertrouwde lichtsignalen over de Noord- en Waddenzee uitstrooit om schippers tot baken te dienen.

Niet alleen Nederlandse namen als slagwerkgroep Slagerij van Kampen, performer Peter Zegveld, muzikant Harry de Wit en het gezelschap Orkater droegen bij tot het spektakel in het duister, ook de Chileense mimegroep Teatro del Silencio. Hun aandeel toonde, onverwacht, een interessant verschil aan tussen het Nederlandse theater en het Chileense. In de ogen van de Chilenen moet het Nederlandse theater wel een onbekommerde, feestelijke aangelegenheid zijn. En vooral gericht op vorm, op speelse buitenkant. Teatro del Silencio rekent af met wereldproblemen, niet meer en niet minder. Hitler, Lenin, oorlog en verbrande lichamen, krijsende vrouwen wier kinderen doodgaan: dat waren de ingrediënten van hun voorstelling Taca Taca Mon Amour.

Heel anders is Orkater. Nauwelijks was het donker aan het strand of uit de verte naderde hun boot. Componist Thijs van der Poll bracht vanaf het dek grillige muziek teweeg, voor het ongeoefende oor volstrekt onsamenhangend. In elk geval geen liefelijke deuntjes voor de jarige Brandaris. Zangeres Beatrice van der Poel zong. Of was het geen zingen? Ze joeg staccato-klanken de hemel in. Het leek een elektronisch verstrekt concert voor duizend zeemeeuwen. Ze beeldde ook iets uit. Ze was een bruid die in netten verstrikt leek te zijn, zo vaak sloeg ze wanhopig haar handen omhoog. Intussen draaide de boot snelle rondjes als een danseres in de havenkom. Omdat deze pure geluidskunst zo welbewust betekenisloos was, was het effect hoe dan ook humoristisch.

Bij Teatro del Silencio met Taca Taca Mon Amour had ik het gevoel het leed van de wereldgeschiedenis op mijn schouders gedrukt te krijgen. In de vorm van een voetbalwedstrijd met de aarde als grote, ronde stalen kooi streden Hitler, Lenin en Stalin om de macht. Drie perverse, perfect geschminkte figuren die speelden met mensen en onverschillig waren voor mensenleed. Zo gooide Hitler een huilende vrouw tegen de grond. De boodschap van de Chilenen was onherroepelijk en duimendik: machthebbers zijn slecht. Het was hun ernst die me dwars zat. De enige poëzie bestond uit de rol van Einstein, die zag hoe de wereld werd verdobbeld en zich uit verdriet in de wereld opsloot, zacht zingend, met de ogen dicht.

Misschien was het toch goed dat de toeschouwers die waren samengestroomd op de kade eerst gesticht werden voordat ze de weelde aanschouwden van vuurwerk. Om elf uur sproeiden de eerste fonteinen de hoogte in. De Franse vuurwerkgroep Ephémère doet meer dan wat pijlen afsteken; ze maakt een choreografie van licht tegen de nachtelijke hemel. Gifgroene laserstralen tekenden zich af als een waaier. De lichtvonken verwaaiden als afschilferend bladgoud. Het publiek was stil van verwondering; af en toe klonk een gedempt 'Oh!' en 'Ah!'. De Brandaris zelf verschool zich heel sprookjesachtig opeens achter rookwolken, waarin felrode lampen opgloeiden. Vanaf het lichtschip de 'Noord-Hinder' ondersteunden de vier voortreffelijke slagwerkers van Slagerij van Kampen dit nachtballet. Met hun opzwepende ritmiek stuurden zij de explosies van licht boven het strand en de haven. Met enige fantasie was het inderdaad een choreografie, met telkens tevoorschijn komende en wegdansende ballerina's in tutu's van vonken.

Terschelling heeft met het Oerol Festival een traditie in muziek en theater. Tijdens All Along The Lighttower bleek opnieuw hoe theatraal een ogenschijnlijk gewone omgeving is als een havenstadje, een vuurtoren, een kade met afgemeerde boten. Zo is de Brandaris sinds dat nachtelijke spektakel geen kolos meer van steen met een lichtbak erbovenop. Eerder een acteur, zij het een roerloze, die vierhonderd jaar lang al wist dat het eiland zijn Bühne is.