De Bruin mag dit seizoen deelnemen aan wedstrijden

ROTTERDAM, 13 JUNI. De Internationale Amateur Atletiek Federatie (IAAF) heeft zaterdag tijdens een bijeenkomst in Monte Carlo besloten de dopingzaak van discuswerper Erik de Bruin naar de arbitragecommissie te verwijzen. Hetzelfde geldt voor de zaken van de Kenyaan John Ngugi en de Nigeriaanse Ime Akpan.

Hangende de behandeling door de commissie mag De Bruin aan wedstrijden deelnemen. De atleet reageerde positief op een dopingcontrole tijdens wedstrijden in Keulen op 1 augustus vorig jaar. De Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie (KNAU) stond hem vervolgens niet meer toe deel te nemen aan het wereldkampioenschap in Stuttgart. In november sprak de tuchtcommissie van de KNAU De Bruin vrij. Volgens een verklaring van de IAAF is die beslissing mogelijk gebaseerd op verkeerde informatie.

De Bruin reageerde opgetogen. “Ik hoop dat de IAAF de verdere gang van zaken ook zorgvuldig zal bekijken. Net zo zorgvuldig als de tuchtcommissie van de KNAU dat vorig najaar heeft gedaan.” Zijn raadsman mr. W. Veldstra was al even tevreden. “De IAAF heeft professioneel gehandeld door de zaak voor te leggen aan de arbitragecommissie, waarvan juristen deel uitmaken. Ik heb het volste vertrouwen in een professionele afwikkeling van een zaak, die voor discussie vatbaar is”, aldus Veldstra. “Voor het publiek heeft het toch vraagtekens opgeroepen dat door een dergelijk dopingonderzoek een atleet van zijn carrière beroofd kan worden. Mijn doel was dat Erik de Bruin dit seizoen normaal gerechtigd is aan wedstrijden deel te nemen. Dat hebben wij met de verwijzing naar de arbitragecommissie bereikt.”

De Bruin en zijn advocaat verwachten niet dat de arbitragecommissie op korte termijn bijeenkomt. “Zulke zaken duren bij de IAAF altijd redelijk lang. Ik kan dus het hele seizoen werpen”, aldus De Bruin.

De Nederlandse mannen- en vrouwenploeg zijn gepromoveerd naar de eerste divisie van de Europa Cup. De vrouwen wonnen hun wedstrijd in Dublin, de mannen eindigden als tweede in de strijd tussen de laagstgeplaatste landen van Europa. Frans Maas leverde de beste Nederlandse prestatie. Hij won het verspringen met 7,94 meter en bleef daarmee slechts één centimeter verwijderd van de A-limiet voor de Europese kampioenschappen in Helsinki.

De Nederlandse vrouwen wonnen zeven van de zeventien onderdelen in Dublin. Ellen van Langen had geen moeite met de 800 meter, hoewel ze zaterdag pas enkele uren voor haar wedstrijd over kwam naar Ierland, na vrijdagavond in St. Denis te hebben gewonnen. “Het kostte me gelukkig geen moeite, als er meer tegenstand is had ik dit niet zo kunnen doen”, aldus Van Langen, die tot het eind van deze maand geen grote wedstrijden meer wil lopen. “Ik ben tevreden over mijn prestaties tot nu toe, vooral over de winst in Frankrijk. Ik denk dat ik al wel onder de twee minuten kan lopen, maar ik loop alleen voor de winst. Het is nu tijd om weer wat meer te trainen”, aldus de olympisch kampioene.

Haar Nederlandse concurrenten op de 800 meter werden ingezet op andere nummers. Ester Goossens won de 400 meter in 53,71 en Stella Jongmans eindigde als tweede op de 1500 meter in 4.17,53. Jacqueline Poelman won in Dublin de 100 en de 200 meter in respectievelijk 11,55 en 23,55. Jacqueline Goormachtigh won met 16,98 meter het kogelstoten en eindigde bij het discuswerpen als tweede. Marjo Bus verbeterde bij het speerwerpen haar persoonlijk record tot 55,68 meter, goed voor de tweede plaats. Greg van Hest liep de 10.000 meter in 28.29.67, de zesde prestatie ooit door een Nederlander geleverd.

In internationale wedstrijden hadden olympisch- en wereldkampioen 100 meter kampioen Linford Christie en Michael Johnson, de wereldkampioen op de 200 meter, dit weekeinde aan de top van de seizoenranglijst kunnen komen. Ware het niet dat zij bij hun sprint te veel hulp ondervonden van wind in de rug. Christie liep zaterdag in Sheffield de 100 meter in 9,91 seconden. De rugwind was echter 3,7 meter per seconde. Hij had de avond tevoren in Nürnberg de 100 meter, onder reglementair juiste omstandigheden, in 10,09 seconden gelopen. De Amerikaan Michael Johnson noteerde gisteren in Duisburg 20,08 seconden op de 200 meter. In de Duitse stad blies de wind met een kracht van 2,8 meter per seconde. De maximaal toegestane windsterkte bedraagt twee meter per seconde. In Duisburg eindigde Nelli Cooman op de 100 meter in 11,51 als vijfde. (ANP)