Swingend betoog van overvitale Zuidam voor piano en zang

Concert: Gerrie de Vries (mezzosopraan), Ananda Sokarlan en Marc Reichow (piano), blazers Consort Holland en Ebony Kwartet. Werken van Lang, Knussen, Golijov en Zuidam. Gehoord 8/6 De IJsbreker Amsterdam.

Geen dodecafonie, serialiteit of maximalisme, maar pop, rock en salsa, geen overwelmende klankkleuren of complexe structuren, maar hot music, bruut en brutaal, zó componeert de overvitale Rob Zuidam, een van de centrale figuren in het Holland Festival, die zijn eigen programma mocht samenstellen in de IJsbreker.

“Voor mij begon de oorlog toen ik geboren was”, luidt de eenregelige, maar desalniettemin volledige tekst van Pancho Villa (1988-1989) voor piano en mezzosopraan. Een tekst die door Zuidam uiteengereten werd voor een swingend instrumentaal betoog in de stijl van Louis Andriessen. In Spank (1990) voor pianosolo gaan de scheurende gitaarakkoorden van Jimmy Hendrix hand in hand met klaterende unisoni van een piano in een salsaband en dat is nog leuker, al moet het niet te lang duren. Hard en snel heeft zo zijn beperkingen, vandaar dat de componist in het Octet voor blazers (1992-1993) in een breed gamma van piccolo tot contrafagot zijn kleuren-palet trachtte te verrijken. Helaas, de monochrone uitvoering suggereerde toch weer hard en snel. Bovendien laat deze wat slap aangedraaide Stravinsky-pastiche horen, dat Zuidam wel de fysieke component in het componeren koestert, maar niet in sensuele zin, laat staan in broeierige of ophitsende. Er straalt een naïef soort speelplezier vanaf, Zuidams muziek is voor alles sportief. Maar wat niet is, kan komen, de componist bevindt zich nog in een verkenningsfase en zijn flair is onmiskenbaar.

In het voorprogramma klonk nog vrij langdradige minimal music voor twee piano's van David Lang en heftige, zij het eveneens weinig persoonlijke evocaties in voornamelijk harmonische zin voor strijkkwartet van Osvaldo Golijov, een Argentijn die Zuidam leerde kennen op het Festival voor hedendaagse muziek in Tanglewood, waar Oliver Knussen de artistieke leiding voerde. Van Knussen vertolkte Ananda Sukarlan met aanstelijk elan de Piano Variations uit 1989, ondanks de verwantschap met Carter en Copland wel degelijk persoonlijk van uitwerking. De opzet is die van een initiële groep van vijf karaktervariaties, gevolgd door een vierdelige centrale passacaglia, afgesloten door een coda met nog drie étude-achtige, uiterst virtuoze variaties. Het is grillige muziek, maar toch geconcentreerd, met een interne logica. In positieve zin viel te berichten over het Ebony Kwartet, de vaste strijkerssectie van de Ebony Band, dat Golijov's Kwartet als één instrument, spatgelijk, vertolkte.