Pantani kan niet harder dan 48 km per uur

LES DEUX ALPES, 11 JUNI. In de Giro d'Italia, die morgen in Milaan eindigt, heeft zich een generatiestrijd afgetekend. De dertigers Indurain, Chiappucci en Bugno hebben het veld moeten ruimen voor Berzin en Pantani. De Rus leidt het algemeen klassement voor de Italiaan. Pantani is ervan overtuigd dat de nieuwe generatie sterker wordt dan de vorige: “Als je ziet hoe sterk en compleet Berzin nu al is.”

In de Alpenetappe naar Sestriere van vandaag heeft de nieuwe klimspecialist Marco Pantani, die klein en licht fietst, een laatste kans om zijn Russische leeftijdgenoot te belagen. In de laatste bergrit zou Pantani voldoende moeten hebben aan een klim van de tweede categorie en drie van de eerste om zijn achterstand van 2 minuut en 55 seconden weg te werken.

Gisteren viel de Italiaan al aan op de eerste van de vier cols (de Agnello), maar moest zijn poging staken in de afdaling van de Izoard, de tweede hindernis, toen de sterke tegenwind hem te veel werd. Uiteindelijk kwam hij samen met Indurain en Berzin aan als zevende.

De bloei van het Italiaanse wielrennen gaat voort. Voortdurend duiken er nieuwe talenten op, zoals in de Giro Belli en Gotti. Maar de belangrijkste Italiaanse revelatie is Pantani, die de tweede plaats veroverde via twee prachtige solo-aankomsten in de bergetappes van vorig weekend. Zijn faam werd in een klap gevestigd, toen hij in de Koninginnerit naar Aprica op de gevreesde Mortirolo (9 kilometer klim met een gemiddelde stijging van 10,5 procent) eerst rozetruidrager Berzin losreed, en in de slotklim ook nog Miguel Indurain.

“Vooral het wegrijden van Indurain gaf een erg bevredigend gevoel”, verklaart Pantani. “Toen de ploegleider kwam zeggen dat hij mij aan het inhalen was, had ik gedacht: oke goede hulp, ik ga aanhaken, want Indurain is een stoomtrein. Maar toen hij er was stelde hij me erg teleur. Ik had verwacht dat hij er veel harder aan zou trekken. Op een stuk vlakke weg na de laatste klim vroeg hij steeds om aflossing, en toen ik tijdens de klim mijn beurt weer een keer overnam, was ik ineens opnieuw alleen.”

Pantani vulde in zijn ploeg soepel de plek die was vrijgekomen door het falen van kopman Chiappucci. 'Il Diablo' kwam al in de eerste bergrit halverwege de openingsweek op onoverbrugbare achterstand. Voor de meeste toeschouwers kwam de naam Pantani uit de lucht vallen, maar hijzelf ervoer de machtsgreep allerminst als een verrassing. “In 1992 heb ik de Giro voor amateurs gewonnen, nadat ik hem de voorgaande jaren al als derde en tweede had beeindigd. Ik wist dus al lang dat ik voor het klassement kon rijden. Ik kreeg de verantwoordelijkheid alleen pas toen Claudio kansloos was geworden voor de eindzege.”

De kleine magere (56 kilo) renner had de amateur-Giro in 1992 ook al op zijn naam gebracht door twee opeenvolgende bergzeges. Toen waren zijn dansende solo's voldoende geweest om zijn tijdritten te compenseren. Reeds voor de klimtijdrit van afgelopen woensdag wist hij dat hij zou gaan verliezen in de vlakke aanloop. “Het probleem is dat ik niet de anaerobe-drempel heb van monsters als Indurain en Berzin. Ik kan niet harder rijden dan 48 kilometer per uur en verlies dus per definitie in een vlakke tijdrit vijf seconde per kilometer op mannen die meer dan vijftig kilometer per uur kunnen draaien.”

Het gemak waarmee de tweedejaarsprof het begrip 'anaerobe-drempel' _ het punt waarop de spieren gaan verzuren _ in de mond neemt, is tekenend voor de staat van bewustzijn waarin Italiaanse wielrenners tegenwoordig verkeren. Pantani: “Ik train altijd met een hartslagmeter. Als amateurs deden wij al elke maand de 'test van Conconi', om te kijken of onze conditie verbeterde of verslechterde. Nu doen wij dat nog steeds. Ik denk dat geen enkele Italiaanse renner op dit moment nog meerijdt zonder continue fysieke analyses en metingen. De belangstelling van de medische wetenschap is de laatste twee jaar enorm toegenomen. En dat heeft het niveau van het wielrennen flink omhooggestuwd. Vroeger was er in een bergetappe altijd wel een groep achterblijvers, waarin per definitie de sprinters zaten. Zo'n groep is er niet meer, een sprinter als Abdousjaparov zie je nu ook in een bergetappe wel eens vooraan. Van elke Italiaanse renner weet ik dat hij tegenwoordig een heel hoog basisniveau heeft.”

De verrassing in de Mortirolo-etappe was niet zozeer zijn eigen prestatie, als wel dat Berzin en Indurain het tempo niet konden bijhouden. Pantani: “Uit fysieke testen weet ik van mezelf, dat ik op hellingen met een dergelijke stijgingspercentage een tempo kan rijden, wat in vermogen omgerekend vergelijkbaar is aan het werelduurrecord. Ik wist dus dat ik op de Mortirolo sterk kon zijn, en daar moest aanvallen. Het gaat om fysieke gegevens, waaraan je niet kunt tornen, maar die daarom ook een zekerheid geven. In een etappekoers komen er natuurlijk nog andere dingen aan te pas als gemoedstoestand en het vermogen om te herstellen.”

De reeds kalende Pantani, die net als Chiappucci is opgeleid als radioreparateur, zal ook in de Tour de France zijn opwachting maken, maar met de uitdrukkelijke opdracht zich gedeisd te houden. “Ik heb speciaal voor ploegleider Boifava gekozen, omdat ik weet dat jonge renners in zijn ploeg de tijd krijgen om te rijpen. Toen ik als nieuwe prof wegens blessures niet aan de verwachtingen kon voldoen, is niemand in paniek geraakt. In de Tour moet ik Chiappucci bijstaan en ervaring opdoen, ik mag een bergetappe uitkiezen om voluit te gaan. Meer niet.Een jonge renner gaat snel te ver in zijn uoie. Dat heb ik ook aan het begin van dit seizoen gemerkt. Na de blessures van het vorig jaar begon ik te enthousiast en liep te hard van stapel, waardoor mijn motor binnen een mum van tijd was opgebrand.”

Pantani noemt zich een aanvaller van nature. “Daarom bewonder ik Chiappucci ook zo. Maar je moet niet te vroeg aanvallen. Van hem heb ik geleerd op onverwachte momenten mijn slag te slaan: proberen en kijken hoe de rest reageert. Aanvallend wielrennen is het mooiste zowel voor ons als voor de toeschouwers. Een nummer opvoeren en solo aankomen wordt steeds moeilijker tegenwoordig, maar als het lukt heb je de kick van je leven. De waanzinnige aandacht en de aanmoedigingen langs de weg maken elke opoffering dan licht en gemakkelijk.