Peter Schat droomt van de verwoesting van de Stopera

De Hemel van Amsterdam, Ned.3, 23.20-0.20u.

De Hemel van Amsterdam heet het programma over de componist Peter Schat dat de NOS-tv vanavond uitzendt. In de hemel worden dromen waar, dus gaat in dit programma Schats grootste wens in vervulling: de verwoesting van de Stopera. We zien de componist met vrienden op een bootje over de Amstel varen. Het gezelschap oogt in frakken en hoge hoeden als een Engelse versie van de Romeinse senaat, waarin zo'n 2150 jaar geleden Marcus Porcius Maior Cato niet moe werd te stipuleren dat Carthago verwoest moest worden. Schat parafraseert Cato: “En overigens ben ik van mening dat de Stopera moet worden afgebroken.”

Vervolgens zien we onmiddellijk zijn wens tot werkelijkheid worden. Niet vanuit het noorden, zoals de componist tijdens de Golfoorlog (1991) in een column in deze krant profeteerde, maar vanuit het zuiden, gaat er een kruisraket op weg naar de Stopera. We zien de sigaar van Schat vliegen langs het Amstel Hotel en langs Carré tot het doel met laserprecisie in beeld komt. En dan: Wwhopff! Het Stopera-gedrocht spat in vele stukken uiteen en op het Amsterdamse Waterlooplein verschijnen visioenen van de mooiste en beste opera's ter wereld: Bayreuth, Sydney, Brussel.

De Hemel van Amsterdam, gemaakt door regisseur Hans Hulscher, is een merkwaardige vermenging van werkelijkheid en fictie, van muziek en verbeelding. Het is een documentaire die gemaakt is als een opera, een surrealistisch verslag van de Schat-maanden april en mei 1994. Half april ging Alarm voor drie beiaarden en luidklokken van Peter Schat in première, geschreven voor de drie Amsterdamse carillons, waar hij precies tussen woont, in het midden van een roze driehoek. En eind april en de hele maand mei ging in die vermaledijde Stopera Schats opera Symposion over de vermeende gifmoord op Tsjaikovski.

Volgende week vrijdag wordt Symposion uitgezonden door de NOS-tv en vooruitlopend daarop is De Hemel van Amsterdam een deels serieus, dan weer ironiserend portret van Peter Schat als mens, als componist, als muzikaal theoreticus, als maatschappelijk geëngageerd dwarsligger en - tenslotte - als gerespecteerd kunstenaar. In veel van die rollen treedt Schat op als acteur. In de slotbeelden wordt hij als een levend marmeren borstbeeld op een sokkel door vriend en medewerker Floris Guntenaar rondgereden door het Vondelpark, op zoek naar een geschikte plaats om hem voor eeuwig weg te zetten. Nergens is Schat tevreden (“Het stinkt hier naar Cees Dam”) tot hij in de Parkkerk - in de toekomst een operatheater - de bromtollen uit zijn To You weer ziet, net als Guntenaars reuzendoeken voor zijn Houdini. Op de preekstoel oreert hij over Johann Sebastian, Wolfgang Amadeus en Ludwig.

De authentiekste Schat-beelden zijn die van de componist in zijn muzikale biotoop, de zelfgebouwde hemel op zolder. Daar expliceert hij de principes van zijn Toonklok aan de hand van de symbolistische hemel-inrichting: schouw, ramen, balken en dwarsverbindingen verbeelden zijn Toonklok, waarin hij de drieklanken van de chromatische toonladder ordent.

De eenhoorns waarmee de zolder is getooid, zien we terug op de paarden in de romantische slotbeelden: onbevreesde ridders, strijdend en doorstotend.