Mandela wil een gemeenschappelijke markt voor Afrika

KAAPSTAD, 10 JUNI. De nieuwe regering in Zuid-Afrika wil op de langere termijn één gemeenschappelijke markt in Afrika creëren. De eerste stap is regionale economische samenwerking tussen de landen in Zuidelijk Afrika met onderlinge afspraken over het verkeer van goederen, arbeid en kapitaal.

Dit verklaarde de Zuidafrikaanse president Nelson Mandela gisteren in Kaapstad bij de opening van de “top over Zuidelijk Afrika”, georganiseerd door het World Economic Forum.

Mandela stelde zich ten doel om het heersende “Afro-pessimisme” in de wereld - de overtuiging dat Afrika zijn eigen problemen niet kan oplossen - te bestrijden. “Het is een taak die we met vertrouwen op ons nemen en waarbij we ons herinneren dat de zogeheten Aziatische tijgers nog maar twintig jaar geleden werden afgeschreven als hopeloze gevallen”.

Na de succesvolle overgang naar democratie in Zuid-Afrika wil het World Economic Forum in twee dagen een “actieprogramma” formuleren om de economische positie van de gehele regio te versterken. Driehonderd vooraanstaande zakenlieden uit binnen- en buitenland kunnen tevens kennismaken met de ministers in het nieuwe Zuidafrikaanse kabinet en presidenten en bewindslieden uit landen als Zimbabwe, Namibië, Botswana, Mozambique, Zambia en Tanzania.

Mandela greep de gelegenheid aan om voor het eerst de ideëen van zijn regering voor economische samenwerking in de regio en Afrika te ontvouwen. Zuid-Afrika wil de bestaande economische samenwerkingsverbanden, zoals de SADC (Southern African Development Community), versterken en samen met de buurlanden investeerders aantrekken en handelsovereenkomsten sluiten. Mandela noemde als eerste voorwaarde dat conflicten in de regio moeten worden opgelost. In Angola woedt een oorlog tussen de regering en het leger van Unita en in Mozambique moet de vrede na een jarenlange burgeroorlog in oktober uitmonden in verkiezingen. De landen in Zuidelijk Afrika, die samen meer dan honderd miljoen inwoners hebben, moeten bij hun economische ontwikkeling de “debt-trap” vermijden, “want die kan alleen maar de souvereiniteit van onze landen ondergraven”, aldus Mandela.

Met zijn nadruk op economische samenwerking probeerde Mandela de ongerustheid bij zijn collega-regeringsleiders weg te nemen. In de buurlanden wordt zowel met hoge verwachtingen als met vrees naar het nieuwe Zuid-Afrika gekeken. Het land is zowel economisch als militair de supermacht in de regio. Andere landen zijn bang dat Zuid-Afrika met zijn superieure economische en financiële infrastructuur investeerders zal weglokken uit de rest van Afrika. President Chissano van Mozambique riep de investeerders in Kaapstad op niet alleen naar Zuid-Afrika te kijken. Maar, verzekerde Mandela, Zuid-Afrika “heeft niet de wens om de dominante partner te worden, want zowel wij als de regio zouden daar uiteindelijk bij verliezen”.