Paars

De professor tekende een cirkeltje en zette er een S in. Toen trok hij pijltjes die als zonnestralen uit het cirkeltje kwamen. Wat hoger, nog een cirkel, met een I. 'Het subject kan alle kanten uit', zei hij. 'De betekenis van het ideaal is', en hij wees naar de I, 'dat het richtinggevend was voor het subject. Het ideaal wordt nooit bereikt, maar het stuurt ons handelen.'

Zappend zag ik de glimlach van onze Moeder des Vaderlands, Annie M.G. Schmidt. 'Wat moeten we nu, eerst verdween de kerk en toen het socialisme?' Zoiets zei ze. De idealen zijn verdwenen. Het subject beweegt alle kanten uit: stuurloos, richtingloos. Als ik naar idealen vraag in de klas is het stil, of er wordt melding gemaakt van streven naar eenvoudig eigenbelang: piloot worden, veel geld verdienen, een eigen zaak.

Gelukkig is er nu een commissie: Het Platform voor de Pedagogische Opdracht. Denk aan de volgende termen: 'verantwoordelijkheid van scholen voor morele opvoeding; normen en waarden'. De voorzitter is een bekende lieve man: oud-minister van justitie De Ruiter. Verder zit er van alles in: iets protestants, iets katholieks, iets algemeens, iets humanistisch, een handvol hoogleraren, er is een allochtoonse naam. Zij gaan iets verzinnen.

Ik vraag me af wat. Ik vraag me wat af. Wat moet een mens verzinnen in een land waar een bisschop ontslagen op grond van mogelijk homosexuele neigingen, geëerd wordt met een lintje van de Koningin en een portret, een bisschop van protestantse huize die in de tijd dat de Rus nog slecht was namens zijn kerk die liefde preekt, het zielsheil van het leger ter harte nam. Hoe zit het, vraag ik me af, wat was er fout met die man, wat was er goed? Wat voor inspiratie leveren Herman Brood's beschouwingen over religie bij die Binnendijk van de EO? Heeft één van die twee gelijk? Nee toch.

Stel dat de commissie wat verzint. Stel dat ze kapitalistische humanistische sociaaldemocratische liberale in de judeo-christelijke traditie gewortelde sex-vriendelijke niet-racistische, het milieu ontziende, waardevrije normen en idealen weten te verzinnen, welke de eind-twintigste-eeuwse kinderziel weet te verheffen, wat dan nog? Daar kunnen ze toch niks mee. Dit land kent immers onderwijsvrijheid.

Het begrip onderwijsvrijheid is moeilijk uit te leggen. Het gaat over confessionele scholen die net zo veel geld krijgen als openbare. Onderwijsvrijheid is het beste duidelijk te maken met enkele voorbeelden. Door de onderwijsvrijheid kan een sollicitant wegens zijn levensovertuiging een baan als leraar geweigerd worden (zoals voor de oorlog bij C&A, vertelt mijn moeder). Op grond van onderwijsvrijheid kunnen lieve meisjes met hoofddoekjes ook tijdens de Ramadan verplicht worden de katechese lessen te volgen. Wegens de onderwijsvrijheid kan een leraar grote moeilijkheden krijgen als hij op een openbare school zijn idealen predikt. En op een confessionele school ook, als zijn idealen afwijken van die van de school.

Gelukkig is er bijna een paars kabinet, een weinig christelijk kabinet. Het paarse kabinet gaat natuurlijk de onderwijsvrijheid inperken. Dat kabinet zorgt ervoor dat op alle scholen in Nederland kinderen de vrijheid krijgen om te kiezen of ze religieus gevormd worden of niet. Dat kabinet stelt in dat op iedere school de leerling kan kiezen tussen de bestaande levensbeschouwelijke lessen ofwel een vak waar het rondje met een I tot zijn recht komt. Misschien verzint de commissie daarvoor wel het vak 'filosofie'.