Openhartigheid als medicijn

Praten over persoonlijke problemen werkt genezend - gedeelde smart blijkt nog altijd halve smart. De Amerikaanse psycholoog James Pennebaker denkt dat iedereen in potentie zijn eigen therapeut kan zijn.

James Pennebaker: 'Op een feestje hoorde ik van een andere psycholoog het verhaal van een vrouw die hij in behandeling had. Een kidnapper was haar auto binnengedrongen en had een pistool op haar gericht. Hij dwong haar naar Central Park te rijden, waar hij haar zou verkrachten. De vrouw ging daarop heel hard rijden en vertelde de indringer dat ze kanker had. Ze zou toch niet lang meer zou leven en wilde nu proberen hem mee te slepen in haar dood. De indringer kreeg het doodsbenauwd en vluchtte de auto uit, toen de vrouw vaart minderde bij een bocht. Hoewel alles goed was afgelopen was de vrouw zo geschrokken dat zij zich aanmeldde voor psychotherapie. Zij kreeg de raad om tegen iedereen te vertellen wat zij had meegemaakt.'

Het advies intrigeerde Pennebaker. Alle psychotherapeuten die hij erover aansprak vonden het advies deugdelijk. De natuurlijke reactie van mensen op een trauma is erover praten. Pennebaker: 'Dit is ook de basis van alle vormen van psychotherapie. Het belangrijkste is dat mensen zichzelf blootgeven. Daarmee wordt ook de lichamelijke gezondheid beter. Gemiddeld daalt het gebruik van medische diensten na psychotherapie met vijftien tot twintig procent.'

Pennebaker begon dit fenomeen te onderzoeken. Hij haalde studenten naar zijn laboratorium en vroeg hun een kort opstel te maken over de meest traumatische ervaring in hun leven. Het blijkt dat de proefpersonen die onverholen over de meest vervelende gebeurtenis uit hun leven schrijven, hiervan duidelijk profiteren. In de vier maanden daarna zoeken zij minder vaak een dokter op, presteren beter op school en uit biologische metingen blijkt dat hun immuunsysteem er beter voorstaat.

Oorlogservaringen

Een vergelijkbaar effect werd bereikt bij de overlevenden van de Holocaust. Zeventig personen uit de omgeving van Dallas spraken twee uur lang over hun oorlogservaringen voor een videocamera. Het project was bedoeld om mensen te laten getuigen over het leed dat hun was aangedaan.

Opvallend was dat veel mensen hieraan wilden meewerken. Pennebaker: 'Tweederde van de geïnterviewden had nooit binnen hun gezin gesproken over het oorlogsverleden, maar kennelijk zijn mensen bereid over zeer persoonlijke zaken te praten als zij daar de kans toe krijgen. Alleen zie je in het dagelijks leven dat die kans zich slechts zelden voordoet. Daardoor krijg je dat mensen de meest intieme details over hun eigen leven onthullen tijdens een treinreis of biecht.'

Ongeveer de helft van de overlevenden liet het achterste van de tong zien tijdens het interview en dat veranderde hun leven. Pennebaker: 'Een jaar later blijkt deze groep te beschikken over een betere lichamelijke gezondheid en ook de relaties met de familie zijn verbeterd. De video had gewerkt als een formele erkenning voor alle doorstane ellende. De geïnterviewden kregen zo de ruimte om de video aan familie en vrienden te tonen. De weg was nu vrij voor nieuwe gesprekken en een betere verstandhouding. Het lijkt erop dat deze mensen eindelijk dit hoofdstuk uit hun leven voor zichzelf konden afsluiten.'

De helende werking van zelfonthulling is afhankelijk van twee basiselementen. In de eerste plaats dienen negatieve emoties als kwaadheid, angst of woede openlijk erkend te worden en daarnaast dienen zij in een verhaalvorm ondergebracht te worden. Pennebaker: 'Het gaat erom dat mensen echt proberen te begrijpen wat met hen gebeurd is. In hun taalgebruik is dat herkenbaar doordat relaties worden gelegd tussen oorzaak en gevolg en doordat inzichtwoorden als realiseren, denken en begrijpen gebruikt worden.' Een diffuus en chaotisch emotioneel trauma verandert erdoor in een coherent verhaal.

Pennebaker: 'In de literatuur komen dezelfde elementen terug. We hebben de best verkopende boeken van de afgelopen dertig jaar geanalyseerd en daarin zie je steeds dat negatieve gevoelens openlijk beschreven geworden in een logische verhaallijn. De structuur is helder, zodat de gebeurtenissen verklaard zijn. De mens heeft een basale behoefte aan verhalen en een begrijpbare wereld.'

De verschillen in taalgebruik tussen mensen die wel of niet van zelfonthulling profiteren, is ook zichtbaar bij het spreken van de waarheid en liegen. In de meeste leugens schitteren negatieve gevoelens door afwezigheid en ook oorzakelijke verbanden worden zelden gelegd. Dit doet vermoeden dat habitueel liegen slecht voor de gezondheid is.

Ongezonde gewoontes

Pennebaker lacht om deze suggestie: 'Ik hoop in ieder geval dat dat zo is, maar er zijn ook serieuze aanwijzingen voor. Uit tests met leugendetectors is gebleken dat de lichamelijke spanning iets oploopt als mensen liegen. Daarnaast worden psychopaten (mensen met een asociale inslag) gemiddeld minder oud, maar dit is moeilijk te interpreteren, omdat zij ook andere ongezonde gewoontes hebben zoals roken en drinken. Tot slot is uit Japans onderzoek gebleken dat mannen die tijdens het bedrijven van de liefde een hartaanval krijgen en sterven, relatief erg vaak in een buitenechtelijke affaire verwikkeld zijn.'

De behoefte om waargebeurde verhalen te vertellen is bij de mens ingebakken en dit kan op verschillende manieren gebruikt worden.

Pennebaker: 'Wie weleens een tentamen nakijkt, krijgt geen hoge dunk van het gemiddelde taalgebruik. Het wemelt van de spelfouten en verkeerde of niet afgemaakte zinnen. Als je mensen echter over hun eigen ervaringen laat schrijven, zijn de verhalen schokkend goed. Het blijkt dan ook heel effectief om kinderen op school dagelijks een verhaaltje te laten schrijven over hun eigen leven. Dit komt de lees- en schrijfontwikkeling zeer ten goede.'

Niet bekend

De behoefte om het hart te luchten heeft ook maatschappelijke consequenties. Pennebaker onderscheidt drie fasen in de wijze waarop gemeenschappen met trauma's omgaan. In eigen land deed hij onderzoek naar de naweeën van de oorlogsverklaring aan Irak en de aardbeving in Californië in 1989. Nederlandse voorbeelden zijn de watersnoodramp of de vliegtuigramp in de Bijlmermeer.

Pennebaker: 'In de eerste twee of drie weken merk je dat iedereen openlijk over het gebeurde praat. Sociale barrières vallen weg en je ziet bijvoorbeeld mensen in de supermarkt spontaan met elkaar in gesprek raken. De tweede fase duurt zo'n vier tot acht weken en hierin wordt het trauma juist doodgezwegen. Mensen denken er nog wel aan en willen er ook wel over praten, maar ze zijn het beu om alle verhalen zelf aan te horen. In deze periode zie je de meeste neveneffecten optreden. Er is bijvoorbeeld sprake van een duidelijke toename van de hoeveelheid gewelddadige aanslagen, terwijl een dergelijk effect direct na het trauma niet optreedt. De derde fase noem ik de aanpassingsfase en hierin neemt het leven weer zijn normale gang.'

Individuen die gescheiden zijn of die een familielid hebben verloren, maken een soortgelijke cyclus door. In de eerste drie weken zijn alle vrienden en familieleden over het algemeen erg aardig en vol begrip. Er is alle tijd om over het verlies te praten, maar na de drie weken lijkt iedereen het welletjes te vinden. Vrienden beginnen de getroffene te vermijden of laten doorschemeren dat het 'gezeur' nu maar eens afgelopen moet zijn. Een ideale voedingsbodem voor irritaties.

De drie weken waarin openlijk over het trauma kan worden gepraat zijn onvoldoende om de gebeurtenissen echt te verwerken. Vrijwel iedere cultuur krijgt daardoor gespreksonderwerpen die liever vergeten worden. Zo staan Nederlanders er niet bij stil dat hier in de Tweede Wereldoorlog relatief veel Joden werden opgepakt en weggevoerd.

Moordaanslag

Pennebaker: 'Zelf ben ik twintig jaar na de moordaanslag op J.F. Kennedy naar Dallas verhuisd. Ik merkte direct dat de inwoners hier liever niet over wilden praten. Dallas had in de publieke opinie de schuld gekregen van de aanslag en dit kleefde aan de stad. Dallas is dan ook vrijwel de enige stad in Amerika waar ze geen Kennedystraat meer hebben. Dallas verloor haar verleden en werd een stad van de toekomst. Ondernemingen en sportteams kwamen met lange termijn plannen en zijn nu nog opmerkelijk succesvol.'

De schuld die aan Dallas kleefde, zorgde ook voor andere veranderingen. Pennebaker: 'In de jaren na de aanslag steeg het aantal moorden en zelfmoorden in de stad met twintig procent. Tevens steeg het aantal hartziekten met vier procent, wat significant is omdat in de rest van het land sprake was van een lichte daling. Ook gaf men in Dallas in die jaren meer aan liefdadigheid.'

De schuldgevoelens verdwenen toen in 1968 Martin Luther King werd vermoord. Dallas slaakte een collectieve zucht van verlichting. Memphis was de zondebok geworden en is nu nog steeds een van de weinige steden in Amerika waar geen enkele straat de naam van King draagt.

Pennebaker: 'Toch zijn er in Dallas en Memphis inmiddels monumenten opgericht voor de aanslagen op Kennedy en King. Zoiets gebeurt meestal zo'n vijfentwintig jaar naar de gebeurtenis. Dat komt, omdat dergelijke trauma's het meest indruk maken op de leeftijdsgroep tussen de twaalf en vijfentwintig jaar. Ouderen staan niet zolang bij een trauma stil en zijn veel meer geneigd om door te gaan met hun leven. De jongeren dragen het echter de rest van hun leven zich mee en tegen de tijd dat zij vijftig zijn hebben ze de positie bereikt dat ze een gedenkteken op kunnen richten. De functie van dergelijke herdenkingen is vergelijkbaar met die van het beschrijven van het eigen levensverhaal. Het is een openlijke erkenning voor het gebeurde en een poging om hier betekenis aan te hechten.'