Alders heeft geen bezwaar tegen varkens in Zeeuws Vlaanderen

DEN HAAG, 8 JUNI. Minister Alders (VROM) is niet van plan de vestiging van grootschalige varkensbedrijven in Zeeland onmogelijk te maken. Het past juist in het overheidsbeleid dat uitgaat van spreiding van de intensieve veehouderij over Nederland, zei hij gisteren in de Eerste Kamer bij de behandeling van de noodwet voor het ammoniakbeleid.

De mogelijke komst van de varkenshouderijen stuit in Zeeland op veel weerstand. Brabantse veeboeren hebben bij diverse gemeenten vergunningen aangevraagd voor de bouw van grote varkensstallen, met name in Zeeuws-Vlaanderen en op Tholen. In totaal gaat het om zo'n 200.000 varkens. De gemeenten kunnen de komst van de varkens niet tegenhouden omdat hun bestemmingsplannen voor het buitengebied sterk verouderd zijn. Hontenisse heeft een beroep gedaan op Alders om de bedrijven alsnog te weren.

Alders maakte in de Senaat duidelijk geen uitgesproken tegenstander te zijn van de 'varkensinvasie'. Hij wees er op dat in Zeeland weinig bos en natuur te vinden zijn die gevoelig zijn voor de verzurende invloed van de varkensstallen. “Als het niet gaat om feitelijke uitbreiding van de veestapel, is het de vraag of je het ongewenst moet vinden. Zeker als druk wordt weggenomen van de uiterst gevoelige gebieden in Brabant.”

Volgens Alders is in Hontenisse een proefsituatie ontstaan, waarbij zowel gemeenten als varkensboeren op zoek zijn naar de marges. De gemeenten hebben de huidige situatie volgens Alders vooral aan zichzelf te danken. “Er zijn in Zeeland slechts drie gemeenten die een actueel bestemmingsplan buitengebied hebben. De rijksoverheid probeert daar al geruime tijd verbetering in te brengen. Tot nu toe zonder succes.”

De Eerste Kamer ging gisteren akkoord met de Interimwet Veehouderij en Milieu. In december had de Tweede Kamer al ingestemd met deze 'noodwet', die het gemeenten mogelijk maakt ongeveer 16.500 veebedrijven te voorzien van een goede milieuvergunning. Dat was nodig omdat uitspraken van de Raad van State het voortbestaan van deze bedrijven, met name in Gelderland en Overijssel, in gevaar hadden gebracht. Veebedrijven kunnen een vergunning krijgen op basis van hun veestapel in 1986. Voorwaarde is wel dat ze maatregelen treffen om de uitstoot van ammoniak zo ver mogelijk terug te dringen. In beide Kamers was de steun van CDA en PvdA doorslaggevend. VVD, D66 en GroenLinks stemden tegen.