Verdrag over terugkeer naar Vietnam

DEN HAAG, 7 JUNI. Onder druk van Vietnam zal de Nederlandse ambasseur in Hanoi donderdag een verdrag ondertekenen over de terugkeer van een groep van 350 Vietnamese asielzoekers uit Nederland.

Eerder stelde Nederland de ondertekening uit omdat de regering meer duidelijkheid wilde krijgen over de controle op de afgesproken naleving van de veiligheidsgaranties voor de repatrianten. Dit onderdeel wordt in een apart aanhangsel geregeld.

“Vietnam wilde zo snel mogelijk het verdrag tekenen. De Vietnamezen vinden het gebruikelijk dat beide partijen in goed vertrouwen het verdrag ondertekenen als over de grote lijnen overeenstemming is bereikt”, aldus een woordvoerder van het ministerie van buitenlandse zaken. Het verdrag regelt de terugkeer van Vietnamezen die als gastarbeider in het voormalige Tsjechoslowakije werkten en na de politieke omwentelingen van eind 1989 naar Nederland vluchtten.

De procedure voor de uitzetting staat gedeeltelijk vast. De 350 merendeels uitgeprocedeerde Vietnamezen worden zo snel mogelijk na de ondertekening ingelicht. Daarna moeten de Vietnamezen binnen twee maanden besluiten of ze teruggaan. Een andere mogelijkheid is gezinshereniging met gevluchte familieleden in landen als Australië en Canada. Met mensen die menen dat zij daarop een reële kans maken heeft Justitie enkele maanden langer geduld. Is daarna niets geregeld, dan worden ze alsnog op het vliegtuig naar Vietnam gezet.

Het ministerie van justitie zal na donderdag beoordelen wie op humanitaire gronden alsnog een verblijfstatus krijgt. Bijna niemand van de groep wil terug naar Vietnam. Minister A. Kosto, toen staatssecretaris, heeft in januari gezegd de Vietnamezen desnoods met geweld te zullen uitzetten.

Een concreet plan voor de uitzetting is nog niet gemaakt. “De groep zal niet in één keer worden uitgezet”, zegt een woordvoerder van het ministerie van Justitie. “De al dan niet vrijwillige repatriëring zal op individuele wijze geschieden.”

Tot nu toe heeft Vietnam onvrijwillige repatrianten geweigerd. Het Vietnamese ministerie van informatie wilde niet zeggen of Vietnam niet-vrijwillige terugkeerders uit Nederland nu wel zal accepteren.

Pag.2: Financiële steun voor repatrianten

Wie wel vrijwillig terug wil, moet zich melden bij de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) in Den Haag. Behalve controle op de veiligheidsgaranties verzorgt die organisatie tevens de terugkeer naar en de integratie in Vietnam. De Nederlandse overheid betaalt de kosten voor het eerste levensonderhoud en 'startgeld' voor studie of eigen bedrijf. De IOM helpt mensen ook met huisvesting en het zoeken naar werk.

In het verdrag belooft de regering in Hanoi de repatrianten niet te vervolgen wegens hun vlucht naar Nederland of het illegaal naar het Oostblok laten overkomen van gezinsleden. Ook zullen politieke acties die sommigen beweren in Tsjechoslowakije gevoerd te hebben en de contractbreuk die ze pleegden door naar Nederland te vluchten hun niet worden aangerekend. De IOM zal dit samen met het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen, UNHCR, ter plekke controleren.

De Tweede Kamer, die het verdrag moet goedkeuren, heeft het kabinet gevraagd om waterdichte juridische garanties dat de terugkerende Vietnamezen geen moeilijkheden ondervinden. Nadat beide regeringen het verdrag in december hadden geparafeerd had de Nederlandse regering hierom 'een nadere regeling' over de IOM-taken op papier willen zetten. Dit stuitte bij Hanoi op verzet. “De Nederlandse regering staat nu los van de uitvoering van het terugkeerprogramma”, aldus Buitenlandse Zaken. De IOM heeft zelf onderhandeld met Hanoi over haar rol bij de uitvoering van het verdrag. Dit heeft de officiële ondertekening aanzienlijk vertraagd, want Nederland wilde geen handtekening zetten voor dat precies op papier stond.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken weigert verdere mededelingen over de uitvoering te doen, omdat de onderhandelingen tussen Hanoi en IOM nog lopen. Het ministerie verwacht niet dat de uitvoering voor de ondertekening donderdag op papier staat.

De Vietnamezen krijgen de adressen van het IOM, de Nederlandse ambassade en het hoge commissariaat voor de vluchtelingen (UNHCR) in Vietnam. Als repatrianten of hun familieleden melding maken van schending van het verdrag kan het ministerie van Buitenlandse Zaken diplomatieke druk uitoefenen op de Vietnamese regering.

Dat is ook het wapen van UNHCR tegen vervolging van de repatrianten. “Als we de regering een klacht melden reageren ze niet zo slecht als vroeger”, zegt J. Concoleto, medewerker van UNHCR. “Ik kan niet zeggen dat alles waterdicht veilig is, maar dat geldt voor alle Vietnamese burgers. Vietnam is geen Westerse democratie en wij hebben geen toverstaf waarmee we alle moeilijkheden kunnen oplossen. Maar problemen zullen niet onopgemerkt voorbij gaan.”