SEMIPROF: rugbyer Marcel Eman

Ik ben er als het ware ingerold. Ik werk voor een oom van mij. Het is vrij specialistisch. Ik heb er geen opleiding voor hoeven doen. Als open haard-specialist moet je kunnen metselen, stucadoren en marmer kunnen zetten. Op deze schoorsteen zat al een mantel. De opbouw is er in principe ook. Dan hoef je alleen nog maar het 'binnenwerk' te doen.

“Een marmeren mantel haalt altijd een bepaalde schoonheid. Het is toch een klassiek ding. Een jaar of twintig geleden haalden ze alle mantels eruit. Nu moet alles weer klassiek. Dat is voor ons natuurlijk wel gunstig. Maar een marmeren mantel is eigenlijk tijdloos.

“Ik werk meestal in oude panden in Wassenaar, Aerdenhout en 't Gooi: de rijkere buurten. Zeker in Wassenaar wil de ene buurvrouw graag net zo'n mantel als die van de andere buurvrouw. Over het algemeen zijn ze heel gastvrij. Doen ze heel normaal.

“We werken hier met drie man. Acht uur per dag. Hiervoor heb ik bij m'n vader gewerkt. Die had een aannemersbedrijf. Ik moest veel tegels zetten. Dat werd gewoon een sleur. Elke dag ga je naar dezelfde plaats. M'n vader had er wel begrip voor. Dit werk doe ik al negen à tien jaar. Ben nu dertig, dus reken maar uit. Het is vrij afwisselend. Het is geen twee dagen achter elkaar hetzelfde. Je hebt redelijk wat vrijheid. In principe werk ik niet 's avonds. Dan moet ik meestal trainen.

“We trainen normaal drie keer per week, voor een belangrijk toernooi zes uur per week. Ik speel al sinds m'n zeventiende op de Haagsche Rugbyclub. Ik ben scrum half, een soort spelverdeler. Het is vrij zwaar, maar alles is een kwestie van wennen. Je merkt het wel op een training, als je de hele dag gewerkt hebt. Ik ben 30, terwijl de meeste van mijn ploeggenoten nog studeren. Maar aan de andere kant ben je conditioneel sterker dan die jonge jongens. Rugby is toch een studentensport. Het sociale gebeuren is een belangrijk gedeelte daarvan.

“Met het Nederlands team zijn we net uitgeschakeld voor het WK. Daar hadden we ook niet veel te zoeken. We waren een aantal jaren goed bezig, maar de laatste stap is groot. We hinken in Nederland teveel op twee gedachten. Als het zo doorgaat, blijven we voor altijd een C-land.