De paus wil voor het jaar 2000 verzoening met de joden

Iedere paus is de 'gevangene van het Vaticaan'. De uitdrukking is van de Vlaamse kardinaal J. Suenens. Hij kon het weten, want hij moest de overgang meemaken van de charismatische Paus Johannes XXIII, naar de veel meer bestuurlijk ingestelde Paus Paulus VI, die openlijk verklaarde dat hij de Vaticaanse bureaucratie wilde hervormen, maar er toch min of meer het slachtoffer van werd.

De huidige Paus Johannes-Paulus II wil graag wat langer blijven leven dan zijn voorganger, die al na een maand door de dood werd verrast.

Hij rekent er zelf op, dat hij het jaar 2000 haalt. Karol Wojtyla werd op 18 mei 74 jaar, heeft een veel te zwaar werkprogramma, maar bemoeit zich veel minder met de romeinse curie dan buitenstanders denken. Af en toe doorbreekt hij de bureaucratie met apocalyptische gebaren. Er lekken dan ineens documenten uit, die nog in voorbereiding zijn. “Zijn grote vijand is de tijd. Dat weet hij, maar ik denk, dat hij daar voortdurend tegen in opstand is”, zegt zijn persoonlijke vriend de joodse hoogleraar Alfred Bloch. Hij wil dat voor het jaar 2000 de verstandhouding tussen de katholieke kerk en het jodendom grondig is verbeterd. Zo'n openbare schuldbelijdenis van de katholieke kerk aan de historische jodenvervolging wil hij al vanaf zijn jeugd. Maar ook een paus kan niet alles. Toch heeft hij nu doorgezet, tegen de vertragingstactiek en de onenigheid binnen de romeinse curie in. Enkele jaren geleden kreeg hij al zware kritiek toen op zijn initiatief vertegenwoordigers van alle wereldgodsdiensten in Assisië tezamen baden voor de vrede. Dat kon niet, want dan relativeer je het waarheidsgehalte en de uniciteit van je eigen godsdienst! Een van de zaken waarop de bureaucratie vat heeft zijn persoonlijke ontmoetingen. Op 13 april, 1986 heeft de huidige paus, als eerste opperherder in de geschiedenis een joodse synagoge in Rome betreden en er een toespraak gehouden.

Toen al sprak hij in het openbaar schande uit over de jodenhaat en discriminatie. Hij kreeg toen weer kritiek. Daarom noemde de 79-jarige opperrabbijn Toaff de paus bij die gelegenheid 'zeer moedig'. Hij zei, dat tot dan toe een dergelijk bezoek onvoorstelbaar was: “De afstand van het Vaticaan tot deze synagoge is maar een paar kilometer, maar het heeft wel tweeduizend jaar geduurd om deze afstand te overbruggen. Nu acht jaar later - begin april - heeft de paus Elias Toaff terug uitgenodigd bij een concert van het Londens Philharmonisch Orkest bij gelegenheid van een herdenking van de holocaust. De paus had 5000 mensen uitgenodigd, onder wie honderd overlevenden van de holocaust, met kinderen en kleinkinderen. Hij had - weer zo'n symbolische daad - op de eerste rij twee geheel identieke zetels laten neerzetten, voor zijn gast de opperrabbijn en voor zichzelf. Volgens de New York Times was de paus zichtbaar geroerd toen de acteur Richard Dreyfuss de 'Kaddisch' voorlas, het joodse gebed voor de doden, op muziek van Leonard Bernstein. Velen in de zaal konden hun tranen niet bedwingen. En de paus hield ook weer een toespraak. Hij zei, dat de klaagzangen van de overledenen gehoord zouden blijven: “Zij zijn met U, ze zijn met ons.”

Er is nog een ander middel buiten de bureaucratie om. De huidige paus beantwoordt wel eens vragen van journalisten in het vliegtuig als hij op reis is, maar grote interviews zijn tegen het protocol. Toen op 30 december vorig jaar na enkele jaren van de onderhandelingen de diplomatieke betrekkingen tussen de staat Israel en het Vaticaan bezegeld waren - geheel parallel met de vredesbesprekingen tussen de PLO en Israel - gaf hij uitvoerig schriftelijk antwoord op vragen van de Poolse journalist Tad Szule. Menig conservatief theoloog zal geschrokken zijn van de eerste zin: “De houding van de kerk ten opzichte van het volk Gods van de Oude Testament, tot de joden, kan alleen hierin bestaan, dat wij hen zien als onze oudere broeders in het geloof. Ik ben hiervan al overtuigd sinds mijn jeugd in mijn geboortestad Wadowice. Men moet er begrip voor hebben, dat de joden, die tweeduizend jaar verstrooid over de hele wereld hebben geleefd, hebben besloten om naar het land van hun voorvaderen terug te keren. Dat is hun goed recht.” En dan vertelt hij over zijn jeugd. Als jongen hoorde hij in zijn geboorteplaats Wadowice psalm 147 zingen: “De Heer, die Jeruzalem eens herbouwt, die Israels ballingen thuisbrengt, die heelt wie gebroken van harte zijn, en die hun wonden verbindt.” Niet alleen zijn eigen familie, maar hij zelf ook heeft als jonge theoloog de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog en de holocaust van dichtbij meegemaakt. Hij betreurde het, zegt hij tegen zijn interviewer, dat hij toen niets kon doen. Hij wist hoe Poolse joden en katholieken in het nabijgelegen Auschwitz vermoord werden. Voor de oorlog woonden er in Polen 3,3 miljoen joden, ongeveer de helft van de joodse bevolking in Europa. Meer dan twee miljoen joden en twee miljoen Poolse katholieken waaronder 3000 priesters en religieuzen stierven in Auschwitz.

Een typische trek van de huidige paus is dat hij regelmatig het kardinalen-college raadpleegt. Zijn voorgangers hebben dat nooit gedaan. Via zijn staatssecretaris had de paus een document verzonden voor een bijeenkomst begin mei, die nu, wegens het verblijf in het ziekenhuis van de paus, dezer dagen zal plaatsvinden. In dit geheime memorandum (18 april) van 23 bladzijden stond het voorstel om in het jaar 2000 vertegenwoordigers van de joden, de moslims en de christenen uit te nodigen in Jeruzalem en meer concreet zelfs op de berg Sinaï om daar samen te bidden voor de vrede. De paus wilde ook de drie christelijke godsdiensten bijeenbrengen: protestanten, orthodoxen en katholieken. Erg optimistisch over dit laatste project is de paus niet, want in de tekst staat: “Een volledige verzoening zal het wel niet worden, maar minstens kunnen tegenstellingen en verdeeldheid verder worden teruggebracht dan in het afgelopen millennium het geval was.” Om deze voorgenomen ontmoeting in Israel extra in de publiciteit te brengen lekte in Jeruzalem een tekst uit, die een groot deel van de theologie herroept, die tot het antisemitisme aanleiding heeft gegeven.

Het is niet zozeer 'cynisch', zoals deze krant schreef (30 mei), dat deze historische schuldbekentenis pas mogelijk werd na het herstel van de diplomatieke betrekkingen tussen Israel en het Vaticaan, maar logisch en rechtvaardig, omdat tevens 'vrede' werd gesloten tussen de staat Israel en de Palestijnen. Aan de 'intifada', die de door de joden bezette gebieden teisterde, moest ook een vreedzaam eind komen door de mensenrechten van de Palestijnen evenzeer te respecteren als de mensenrechten van de joden. De huidige paus, die soms weinig sympathie heeft binnen de katholieke kerk in West-Europa en Noord-Amerika, heeft met zijn persoonlijke inzet voor de verzoening met de joden historische betekenis. Zijn joodse vriend Alfred Bloch gaf zijn diepste bekommernis weer. De paus gaat tot de wortels. Hij is radicaal. “En voor Karol is de wortel, het hart van de evangelies, Christus die zegt: “Wat gij voor de minsten der mijnen hebt gedaan hebt gij voor mij gedaan.”