De chaos, de absurditeiten en de willekeur van het lot

D-day, Ned.3, 19.55-22.00u.

In de twee uur durende VPRO-documentaire D-Day, de grote kruistocht, vertellen tientallen militairen over hun persoonlijke ervaringen tijdens de geallieerde invasie. Alle geïnterviewden zijn direct bij de gevechten betrokken geweest.

Een Amerikaanse infanterist geeft een ooggetuigeverslag bij de zwartwitbeelden van de bijna fout gelopen landing op Omaha. Bij een overwoekerde bunker verhaalt een Britse commando over de felle tegenstand die zijn eenheid hier van de Duitsers ondervond. Een Duitse luitenant vertelt dat zijn tanks het moesten afleggen tegen het geallieerde luchtoverwicht. Tot zover niks nieuws dus.

Toch is D-Day, de grote kruistocht, meer dan weer een documentaire over de invasie. Deze keer hebben de geïnterviewden de gelegenheid gekregen om te praten over de chaos, de absurditeiten en de willekeur van het lot op het niveau van het individu. De afgelopen weken besteedden maar weinig documentaires aandacht aan het wezenloze van het oorlogvoeren en aan de wanorde, de fog of war. Ze beperkten zich tot een dorre opsomming van de krijgshandelingen. Om over de plastic heroïek en de one-liners van de 'Longest Day' maar te zwijgen.

Johan Blok, machinist van het Nederlandse stoomschip Zeeland, dat onderdeel van de invasievloot uitmaakte, spreekt nu nog zijn ergernis uit over de slordigheid van de Amerikanen. “De GI's droegen hun zwemvesten om hun middel in plaats van om hun nek. Wanneer zij met hun zware bepakking te water gingen, bliezen ze de zwemvesten met behulp van gaspatronen op. Dus gingen ze kopje onder.” Ook had hij hoofdschuddend toegezien hoe de Amerikaanse officieren, in tegenstelling tot de soldaten, duidelijk herkenbare witte strepen op hun helmen hadden aangebracht. De Duitse scherpschutters namen hen dat in dank af. “Veel officieren kregen een kogel door hun hoofd.”

De Britse luitenant Somerville herinnert zich hoe een Duits 88mm-kanon het vuur opende op zijn troepen die per fiets landinwaarts trokken. Toen Somerville omkeek of iemand was geraakt, zag hij het onthoofde lichaam van een soldaat nog enkele meters doorfietsen en vervolgens in een greppel storten. Understatements willen hem bij deze macabere herinnering even niet te binnen schieten.

En dan is er ook nog de Amerikaanse kolonel Hicks die vermoedt dat een kerktoren bij de Duitsers in gebruik is als waarnemingspost. “Ik ga poolshoogte nemen”, meldt hij per radio aan een oorlogsbodem voor de kust, “als ik om 12 uur nog niets van me heb laten horen, kan het scheepsgeschut het vuur openen.” Hicks ziet kans om dichter bij de kerk te komen en uiteindelijk zelfs om de pastorie binnen te gaan. Op dat moment komt het hele gebouw naar beneden. “Ik keek op mijn horloge en zag dat het 12 uur was”, zegt Hicks. En hij kijkt erbij alsof het een goeie grap was.