Bruguera weerstaat onorthodoxe techniek van Berasategui; Geduld loont op Roland Garros

PARIJS, 6 JUNI. In aanwezigheid van het Spaanse koninklijke paar, Juan Carlos en Sofia, werden Aranxta Sanchez-Vicario en Sergi Bruguera gisteren in Parijs gekroond tot koning en koningin van de Open Franse tenniskampioenschappen. Sanchez-Vicario versloeg de lieveling van Frankrijk, de Frans-Amerikaanse Mary Pierce, met 6-4 en 6-4. De 23-jarige Bruguera weerstond de onorthodoxe techniek van zijn drie jaar jongere landgenoot Alberto Berasategui. Hij won voor het tweede achtereenvolgende jaar. Dit keer met 6-3, 7-5, 2-6 en 6-1.

Het enige grand-slamtoernooi op het trage gravel - Wimbledon met gras, de US Open met hardcourt en de Australian Open met greenset kennen snellere baantype's - is dit jaar meer dan ooit gedomineerd door geduld. Bruguera en Sanchez-Vicario kunnen de bal desnoods eindeloos heen en weer slaan. En als tegenstanders weigerden fouten te maken, werden ze met subtiele geometrische patronen uit positie gespeeld, voordat de bal met een plotselinge versnelling in een lege hoek van de baan verdween.

Op Wimbledon duurt een rally gemiddeld drie seconden. Op Roland Garros kan een punt een halve minuut vergen, kan een game een kwartier duren. Gravel stelt zijn eigen wetten. Op gras is tennis een explosie van geweld en precisie, op gravel is het zweten en zwoegen. De service-volley-spelers Pete Sampras, Michael Stich, Stefan Edberg en Richard Krajicek sneuvelden in Parijs eerder dan op grond van hun positie op de ranglijst te verwachten was. Die 'aanvallers' krijgen over twee weken op Wimbledon een herkansing. Berasategui heeft zich niet ingeschreven voor het belangrijkste toernooi van het jaar. Bruguera zei vorig jaar op het laatste moment af en te verwachten is dat hij dit keer hetzelfde zal doen.

“We zijn niet gewend om op een andere ondergrond te spelen”, heeft Bruguera gezegd. “Als je op gravel een fout maakt, krijg je tijd die te herstellen. Op een snellere ondergrond niet.” De mannenfinale was een partij voor de liefhebbers. “Bruguera is een octopus uit een B-film. Hij wurgt je”, zei de Amerikaanse tv-commentator Bud Collins. “De meeste rally's eindigden met een fout”, constateerde John McEnroe. Eerst wat ballen rechtdoor, dan de hoek in en uiteindelijk maakte één van de twee een fout, meestal Berasategui. Weinig variatie, nauwelijks volley's, een enkel drop-shotje. Bruguera is, net als Sanchez-Vicario, een 'counter-puncher'. Hij staat ver achter de baseline. Met zijn lange benen - schoenmaat 46,5 - en armen wappert hij over de baan, maar de druk die hij daarmee uitoefent op zijn tegenstander is eenvoudig te onderschatten. Zijn slagen stuiteren vlak voor de baseline, de ballen druipen van het topspin en zijn moeilijk te verwerken.

De Bask Berasategui, tot gisteren de nummer 23 van de wereld en de eerste ongeplaatste finalist sinds de Zweed Pernfors in 1986, had geprofiteerd van een relatief gemakkelijk speelschema. In zijn speelhelft lieten bijvoorbeeld Stich en Edberg het afweten. Hij had twee partijen cadeau gekregen van spelers die zich na anderhalve set geblesseerd moesten terugtrekken. Zijn overwinningen op top-tienspeler Goran Ivanisevic in de kwartfinale en in de halve finale op de Zweed Larsson hadden indruk gemaakt. Maar hij bleek geen partij voor zijn ervaren collega uit het Spaanse Davis-Cupteam.

Bruguera wordt gecoacht door zijn vader Luis. Dat was vroeger een gespannen relatie, maar de successen hebben hun verhouding inmiddels gestroomlijnd. Vorig jaar, drie maanden voor zijn eerste overwinning op Roland Garros, gedroeg Bruguera zich nog als een geboren verliezer in de Davis-Cupwedstrijd tegen Nederland. In zijn geboorteplaats Barcelona verloor hij zijn partijen tegen de lager geplaatsten Paul Haarhuis en Mark Koevermans. Bruguera stapte toen als een gebroken man van de baan, zijn vader was woedend. De Spaanse pers reageerde zo mogelijk nog vernietigender.

Maar Bruguera wist waar zijn kracht lag. Vorig jaar én dit jaar deed hij wegens blessures niet mee in Hamburg en Rome, de toernooien die iedere topper speelt als voorbereiding op Parijs. Maar in het enige evenement dat hij per se wil winnen, bleek de Spanjaard weer alles te kunnen. Bruguera, die in de kwart- en de halve finale won van Andrei Medvedev en Jim Courier, schaart zich met twee opeenvolgende overwinningen in het selecte gezelschap van onder meer Courier, Ivan Lendl en Bjorn Borg. De dubbele Spaanse victorie is al even zeldzaam. De laatste keer dat winnaar en winnares uit hetzelfde land kwamen was 1969 met Margaret Court en Rod Laver uit Australië.

De vrouwenfinale had op zaterdag gespeeld moeten worden, maar moest door de regen na drie games worden afgebroken. Gistermiddag om twaalf uur, voorafgaand aan de mannenfinale, scheen de zon. Pierce benutte het breekpunt dat ze zaterdag had gecreëerd en nam een 3-1 voorsprong. Maar de precisie waarmee ze dit toernooi iedereen had overdonderd, liet haar in de steek. “Mijn voeten zijn van lood”, schreeuwde ze tijdens de partij.

De 22-jarige Sanchez-Vicario, het jongere zusje van de spelers Emilio en Javier, bleek haar ervaring - het was haar vijfde grand-slamfinale - te kunnen vertalen op de baan. “Ik was geduldig. Ik wachtte tot ik een kans kreeg.” Hoe hard Pierce ook sloeg, de kleine Spaanse vechtster sloeg alles terug. Het was haar tweede zege in Parijs, waar ze in 1989 als zeventien-jarige, haar eerste grote titel behaalde. “Ik moest tegen jullie vechten”, vertelde ze het Franse publiek na afloop. “Maar dat maakte me niet uit. Ik heb jullie verslagen.”