Nieuw kabinet beslist; Kosto neemt afstand van plan IRT's

DEN HAAG, 4 JUNI. Demissionair minister van justitie Kosto neemt afstand van het plan van de Bossche procureur-generaal Gonsalves om alle belangrijke taken en beslissingen over de organisatie van de bestrijding van de georganiseerde misdaad in zijn handen te leggen.

Besluiten daarover kunnen pas door een nieuw kabinet worden genomen, aldus een woordvoerder van de minister gisteren in een reactie. Alle grote fracties in de Kamer wijzen het plan van de procureur-generaal (PG) van Den Bosch af en willen Kosto volgende week om opheldering vragen.

Gonsalves stelde deze week in een vertrouwelijke nota aan de andere PG's voor om alle zes interregionale rechercheteams (IRT's) in de toekomst rechtstreeks onder zijn verantwoordelijkheid te brengen. Ook wil hij dat alle chefs van regionale criminele inlichtingendiensten en hoofdofficieren van justitie die de IRT's leiden, rechtstreeks aan hem rapporteren. Collega's van Gonsalves vrezen dat de Bossche procureur-generaal uitgroeit tot een soort onderminister van justitie.

De woordvoerder van Kosto zegt dat de voorstellen van Gonsalves zijn vervat in een “interne notitie”. Besluitvorming is er nog niet over gepleegd, dit zal pas gebeuren in een volgend kabinet, aldus de woordvoerder.

De fracties van PvdA, CDA, D66 en VVD zijn verontwaardigd over het plan van Gonsalves. Kamerlid Kohnstamm (D66) wil samen met andere grote fracties in de Kamer “mondeling of schriftelijk” opheldering vragen. “Niets verrast mij meer in de IRT-zaak, maar dit voorstel is onverstandig en niet passend”, aldus het D66-Kamerlid. Aangezien het een 'politiek controversieel' onderwerp betreft vindt Kohnstamm dat “ook ambtenaren” zich aan het gebruik moeten houden dat onder een demissionair kabinet geen nieuw beleid wordt opgezet.

Zijn collega Kalsbeek (PvdA) meent dat minister Kosto samen met de Kamer “orde op zaken” moet stellen. Zij vindt het overigens “vooral zorgelijk” dat “het lekken over competentiegeschillen” doorgaat. “Het IRT-virus woekert helaas nog altijd voort”, aldus Kalsbeek.

Het Kamerlid Dijkstal (VVD) noemt het “ondenkbaar” dat er een verschil in rangorde ontstaat tussen PG's, zoals Gonsalves volgens hem voorstelt. Hij is “hoogst verbaasd” dat “de heren nog altijd niet begrijpen wat onder het begrip controversieel beleid wordt verstaan”. Dijkstal zal het verzoek van Kohnstamm om opheldering “zeker voor 95 procent” steunen. Dat zei ook het CDA-Kamerlid Van der Heijden.