Leerlingen speciaal onderwijs voor het voetlicht

ZAANDAM, 4 JUNI. Thuis altijd het zorgenkindje geweest en op school zorgvuldig afgeschermd van de anderen. Als 'moeilijk lerend kind' word je dan vanzelf afhankelijk en wereldvreemd, zegt Tom Visser van LAVAS (Landelijk Adviescentrum Vorming Arbeid en Scholing). “Met theater dwing je ze los te komen van hun vertrouwde omgeving en letterlijk voor het voetlicht te treden.” Daarom, vertelt Visser, bedacht LAVAS dat jongeren in het speciaal onderwijs straattheater zouden moeten maken.

In een zaal van het Damlandcollege in Zaandam weet hij met moeite boven de muziek van het percussie-bandje van drie Surinaamse jongens uit te komen. Ze maken zich op voor de generale repetitie van het straattheaterstuk 'De Boodschap', een mengeling van acteren, dansen en muziek maken. Het verhaal gaat over ene Hans die moeite heeft met onthouden. Een jongen met een sikje staat intussen fanatiek te headbangen, tussen zijn handen heeft hij een denkbeeldige gitaar. Hoofdrolspeler Raju (20) loopt rond met het felgekleurde affiche dat hij zelf heeft ontworpen. Raju kan dan misschien niet goed rekenen, met zijn kleur- en vormgevoel is niks mis.

De 'bovenlaag' van de moeilijk lerende kinderen, zo omschrijft Visser de dertig jongeren die voor het toneelstuk zijn geselecteerd van drie MBO-scholen voor speciaal onderwijs in Noord-Holland. “Ze zijn net niet zelfstandig maar hebben niet hun leven lang professionele hulp nodig.” Het is belangrijk dat ze even onder de beschermende deken van de hulpverlening uitkomen, zegt Visser. “Met straattheater zijn ze onderweg, leren anderen mensen en vreemde situaties kennen. Ze worden zelfstandiger.”Dan begint de generale. De eerste scene moet 'de feestscene' worden. Regisseur Jan Floor maakt zwaaiende gebaren naar de zijkanten. Op, ze moeten op. Elkaar in de rug duwend komen de spelers naar voren. Ze lopen wat rond en fantaseren hardop over een feestmaaltijd. Dan valt er een stilte. Op een kluitje staan ze bij elkaar. Eva wiebelt op haar tenen en drukt haar knieën tegen elkaar. Ze moet plassen. Kan dat echt niet even nu? “Volgende scene”, roept Floor dan na vijf minuten. “Nokken.” De spelers duwen elkaar weer.

“Het gaat hartstikke soepel”, zegt Clyde (22) terwijl hij achter het gordijn een sigaretje rookt. Hij heeft het afgelopen jaar tijdens het repeteren veel geleerd, vindt hij. “Hoe je moet bewegen met je lichaam en zo. Hoe je moet vertellen en uitleggen.” Dit jaar gaat hij van school af en moet hij werk zoeken. Hij denkt aan “administratie of iets in de groenvoorziening”.

Hun toekomst is zorgelijk, had Visser gezegd. Konden ze vroeger nog assemblage-werk doen in de sociale werkplaats, nu zit daar door de concurrentie met lage-loon-landen ook de klad in. En Albert Heijn neemt alleen nog mensen met een MAVO of VBO-diploma. “Waarschijnlijk komen ze thuis te zitten en dan glijden ze snel af. Wie zich verveelt, wordt lastig.”

Maar nu geen tijd voor zorgen. Eerst de zeven straatoptredens in Noord-Holland. En als ze ergens geld weten los te peuteren, gaan ze misschien ook nog naar het buitenland.