Een schoolplein in 'Haags Bosnië'

'Mijn leerlingen werken als drugskoerier.' Met die noodkreet wendde de directeur van een basisschool in de Haagse Schilderswijk zich tot de gemeente. Een jaar later is de drugsoverlast rond de school verdwenen maar de problemen zijn nog niet de buurt uit.

DEN HAAG, 4 JUNI. “Toen de huizen bij het schoolplein er nog stonden, kwamen er steeds junkies. Wij waren bang dat ze kinderen zouden lokken met snoep, om ze ook verslaafd te maken.” Fatima (10) zit in groep zeven van de Stortenbekerschool in de Schilderswijk-west. Vorig jaar vertelde ze nog hoe 'drugsmeneren' met 'prikjes' op het speelplein kwamen. “Nu zijn de gebouwen gesloopt, en zijn we niet bang meer.”

Op het schoolplein, door leerlingen het rode plein genoemd naar de rode hekken er omheen, voetballen jongens. Verderop schommelen meisjes met waaiende rokken. Het lijkt een doodgewoon speelplein. Maar links wordt het begrensd door skeletten van huizen. Ramen, deuren en dak zijn verdwenen, sommige woningen zijn uitgebrand. Rechts gaapt een gat, waar de funderingen van huizen nog zichtbaar zijn. Het schoolplein ligt er als een oase tussenin.

“Net klein-Bosnië”, merkt schooldirecteur A. van der Zalm op. Toch is er veel verbeterd sinds hij vorig jaar een verontruste brief naar de gemeente stuurde. Toen werd de school nog omringd door veertig gedoogpanden waar drugs werden gedealed. Op het toilet van de school werden junks gevonden, op het plein gebruikte naalden. Net als Fatima spraken scholieren over 'prikjes' en 'drugsmeneren' die hen soms bedreigden. Kinderen werden bovendien betrokken bij drugshandel. Met eigen ogen zag het schoolhoofd hoe leerlingen kleine hoeveelheden drugs kregen toegestopt. In ruil voor snoep of wat geld brachten ze het rond. “Dat gebeurt niet meer. Ze kunnen nu rustig spelen op het schoolplein.”

Na de noodkreet van Van der Zalm en een buurtbezoek van wethouder P. Noordanus van stadsvernieuwing die zich “rot schrok”, besloot de gemeenteraad de stadsvernieuwing te versnellen. Panden werden in hoog tempo opgekocht en gesloopt. Bovendien werd een aantal coffeeshops gesloten, kwam er tijdelijk meer politietoezicht en werd een buurtmeester aangesteld. “Als we nu bellen naar de gemeente, gebeurt er onmiddellijk iets”, aldus Van der Zalm. “Nieuwe coffeeshops worden nog dezelfde dag gesloten. Huizen die leegkomen worden onmiddellijk dichtgemetseld.”

Maar dat betekent niet dat alle problemen de buurt uit zijn. “Eigenlijk is het nog steeds hetzelfde, maar nu komen de junks in ons portiek met zo'n prikje en een papiertje met bloed”, zegt Jamila die een paar straten van school woont. Ook Yassin komt wel eens een 'drugsmeneer' in zijn portiek tegen. “Dan roep ik snel mijn vader en die zegt dat-ie weg moet gaan.”

De drugsoverlast heeft zich volgens Van der Zalm verplaatst naar andere delen van de stad. Van collega's hoort hij dat zij nu met hetzelfde probleem kampen. “Het is geen oplossing dat de junks zijn verjaagd. Maar wij hadden onze portie wel gehad.” Nog altijd komen kinderen soms met gevonden wapens naar school. De vaas met messen staat nog in Van der Zalms kantoor, evenals een bus vol naalden.

“Maar junks en dealers zijn tenminste van het schoolplein verdwenen”, zegt H. Zonneveld, coördinator van het aan de school grenzende buurthuis. En dat is volgens hem een grote winst. “Kinderen zien nu dat er een ander wereld bestaat, zonder junks en dealers.” Het probleem is volgens Zonneveld pas echt de wijk uit als de stadsvernieuwing is afgerond, in 1999. Ook een woordvoerder van de politie meent dat er “nog wel wat aan de hand” is. “Maar we hebben goede hoop dat het weer een sociaal sterke wijk wordt als de stadsvernieuwing is voltooid.”

De buurt rond de Stortenbekerschool was vroeger het chique deel van de Schilderswijk. In de statige huizen, met de typisch Haagse hoge en smalle voorportalen, woonden vooral ambtenaren. Omdat de woningen relatief goed waren, zou deze buurt als laatste worden gerenoveerd. Maar begin jaren negentig was het geld voor stadsvernieuwing op. De mensen die het zich konden veroorloven waren weggetrokken en de buurt verpauperde snel. Vorig jaar echter kreeg Den Haag 60 miljoen extra uit het stadsvernieuwingsfonds, waarvan een deel naar de Schilderswijk gaat.

Het huis van C. Marris, schuin achter de Stortenbekerschool, is over twee jaar aan de beurt. Marris, Schilderswijker van geboorte, denkt dat veel mensen net als hij de huur straks niet meer kunnen betalen. Nu ligt het gemiddelde nog op de 350 gulden per maand, na de renovatie zal dat het dubbele zijn.

Plots wordt zijn aandacht getrokken door een dame met stok. Met een huissleutel in de hand loopt de 82-jarige mevrouw Stauthamer naar wat tot eergisteren haar woning was. Verbaasd blijft ze staan. De ramen zijn verdwenen, de deur staat open. Binnen is alles verdwenen, inclusief deurkrukken. “Ze kunnen het niet laten hè”, zucht ze. Nee, ze is niet treurig dat ze de buurt moet verlaten. Haar nieuwe woning mag wat kleiner zijn, hij is wel netjes. “Toen ik pas in de Schilderswijk kwam, in 1973, werden de straten nog geschrobd. Maar het werd steeds minder.”

De tien-jarige Fatima heeft de betere tijden van de Schilderswijk niet gekend. Ze vindt het maar een “slechte buurt met veel te veel junkies”. Later, als ze getrouwd is, wil ze hier niet meer wonen. “Want ik wil mijn kinderen beschermen in een buurt waar geen junkies wonen en waar het niet vuil is. Ik zou het beste met mijn kinderen voorhebben.”