Een scenario voor goede en slechte tijden

DEN HAAG, 4 JUNI. Een stroomversnelling in stilstaand water. Daarop leek de formatie de afgelopen week nog het meest. De hoofdrolspelers Kok (PvdA), Bolkestein (VVD) en Van Mierlo (D66) riepen om beurten dat het met de dag “paarser” wordt, om dat vervolgens weer te relativeren.

Kok en Bolkestein waagden zich aan voorspellingen over de dag dat het paarse kabinet een feit zal zijn. De PvdA-leider zei te rekenen op half juli, zodat het nieuwe kabinet nog een eigen begroting kan opstellen. Bolkestein opperde woensdag in Nijmegen zelfs dat uiterlijk begin juli de formatie gereed zou zijn. Maar later liet hij weten dat hij “wat kort door de bocht” was geciteerd. Ook liet hij zijn fractiegenoot Dijkstal zeggen dat hij het paarse kabinet maar vijftig procent kans van slagen geeft. Dit ter geruststelling van de rechterflank van de VVD, die met argusogen kijkt naar het baltsgedrag met de PvdA. En Van Mierlo zelf vergeleek het proces vorige week zaterdag in Rotterdam met “in ganzepas lopen langs de afgrond over een gladde richel.”

In ieder geval gebruiken de zes onderhandelaars in de Eerste Kamer sinds het vorig weekeinde de gebundelde expertise van specialisten in de betrokken fracties om verschillende onderdelen van het paarse regeerakkoord door te werken. De onderhandelaars laten zich al langer bijstaan door fractiegenoten. Zo hebben de liberalen twee werkgroepen ingesteld. De ene, bestaande uit de Kamerleden Dijkstal, De Korte en Linschoten houdt zich bezig met sociaal-economische onderwerpen. De overige thema's zijn in handen gelegd van de fractieleden Terpstra, Jorritsma, Korthals en Franssen.

Kok wordt bijgestaan door onder anderen Wallage, Melkert, Vermeend en Van Zijl. Bij D66 bestaat het formatieteam uit de eerste vijf op de kandidatenlijst, aangevuld met partijvoorzitter Vrijhoef. Sinds vorig weekeinde is het zogenoemde assistenten-team, of A-team, actief met daarin de PvdA-ers Wallage en Melkert, Linschoten en Dijkstal namens de VVD en Ybema en Tommel van D66.

Als aan de onderhandelingstafel in de Eerste Kamer bijvoorbeeld wordt gepraat over de uitvoering van de sociale zekerheid, krijgt het A-team de opdracht over dat onderwerp binnen twaalf uur te rapporteren. Per dag werd de afgelopen week niet langer dan vier uur overlegd tussen informateurs en onderhandelaars. De overige tijd besteedden de fractievoorzitters aan overleg met de eigen specialisten uit het A-team - of anderen die de opdracht hadden gekregen specifieke onderwerpen te onderzoeken.

Het voorzitterschap van de gesprekken in de Eerste Kamer met de fractievoorzitters rouleert tussen de informateurs. Ingewijden melden dat de bijdrage van de verschillende gespreksdeelnemers zeer kan verschillen. Toen bijvoorbeeld de ziektewet deze week aan de orde was, ontstond er voornamelijk een dialoog tussen Kok en de zeer goed in deze materie ingevoerde VVD-informateur Van Aardenne.

Volgens dezelfde goed geïnformeerde bronnen is het onjuist te veronderstellen dat Van Aardenne, of de PvdA-er De Vries, wellicht met een dubbele agenda aan tafel zitten: zogenaamd om de paarse coalitie te onderzoeken maar in werkelijkheid aansturen op een coalitie met het CDA. Van Aardenne, De Vries en D66-informateur Vis hebben zich gedrieën gecommitteerd om deze paarse coalitie te laten slagen en zetten zich daar geheel voor in, zo heet het. Hun rol strekt zich dan ook verder uit dan die van “procesbegeleider” of “draagvlakverbreder”, zoals hun voorganger Tjeenk Willink had geopperd. Zij dragen wel degelijk voorstellen aan om gebleken verschillen van mening te overbruggen. In ieder geval groeit in politiek Den Haag het idee dat de kans op een paarse coalitie alleen al door feit dat men er nu al een maand over spreekt waarschijnlijker wordt.

Door de inschakeling van het A-team en andere fractie-specialisten bleef deze week van de eerder afgekondigde “radiostilte” weinig over. Er wordt aan alle kanten enthousiast informatie gelekt. Het probleem daarbij is dat er veel actoren met evenzovele verschillende doelen zijn. Dat levert een weinig overzichtelijk beeld op.

Vast staat dat PvdA en VVD van mening verschillen over de omvang van de toekomstige bezuinigingen op rijksbegroting en in de sociale zekerheid. En zelfs als men het op onderdelen eens is over de omvang, dan verschilt men van mening over de vraag waar het geld vandaan moet komen. Donderdag meldden bronnen uit het VVD-kamp en uit de kring van de PvdA dat overeenstemming is bereikt over een tweetraps-aanpak: het regeerakkoord zou het wat mildere PvdA-achtige recept moeten bevatten voor het geval de economische groei doorzet. Mocht er een nieuwe recessie komen dan dient draconisch te worden in gegrepen - ook in de sociale zekerheid. Een contract, dus, voor goede tijden en slechte tijden.

Gisteren zouden de informateurs komen met een rapportage over de gemaakte vorderingen, een zogeheten tussenbalans. Maar al eerder maakte hun woordvoerder, Van der Voet, bekend dat de tussenbalans “verdampt” was. GroenLinks-fractiewoordvoerder Rosenmöller die woensdag vroeg om meer openbaarheid kreeg nauwelijks zijn zin. Wellicht zullen de informateurs de Kamer na afloop van hun werkzaamheden informeren, zij het schoorvoetend, want zij zijn formeel alleen verantwoording schuldig aan de vorstin.

De besprekingen die voor vandaag waren gepland werden gisteren geschrapt. De partijen moeten “denken en huiswerk maken”. Volgens de woordvoerder van de informateurs een signaal dat het echte onderhandelen begonnen is. In plaats van een tussenrapportage werd een schema met vergadertijden verstrekt.