Canadese natie zucht onder separatisten

Na de aardschok bij de Canadese verkiezingen vorig jaar groeit de opwinding over de toenemende onafhankelijkheidsdrang van de Franstalige provincie Québec. De separatisten bezochten onlangs president Mitterrand. Bovendien duurt de economische malaise voort. Wat doet de nieuwe premier Jean Chrétien?

Gaat het goede nieuws uit Canada alleen nog over de kassuccessen van rock-romanticus Bryan Adams of de wereldtitel baseball van de Toronto Blue Jays? Over politiek en economie gaat het in elk geval niet. 'Het meest ontwikkelde land', zoals een VN-rapport Canada deze week noemde, heeft een staatsschuld van circa 1.000 miljard gulden, een werkloosheid van elf procent en een dolgedraaid ziektekostensysteem. Bovenal is er een existentiële vraag: bestaat het huidige Canada volgend jaar nog?

Murw gebeukt door de resultaten van een negenjarig Conservatief bewind joegen de Canadese kiezers vorig jaar oktober de Tories uit de regeringsbanken en op twee zetels na zelfs uit het parlement. De Liberalen namen de macht over, maar de sensatie was de intocht van de populistische Reformpartij uit het westen en het separatistische Bloc Québécois uit de Franstalige provincie Québec in het oosten. Het Bloc, dat streeft naar onafhankelijkheid van Québec waarin een kwart van de 27 miljoen Canadezen woont, werd met 54 zetels de officiële oppositiepartij. Het was een politieke aardverschuiving, zoals die zich zelden voordoet in het Westen.

Nu dreigt Québec al decennia lang met uittreding uit de - in 1867 opgerichte - Canadese federatie, maar dit keer klinkt die dreiging serieuzer dan ooit. De volgende stap van de separatisten is om dit najaar tijdens provinciale verkiezingen ook in Québec zelf een machtsbasis te verwerven. De Parti Québécois, een bondgenoot van het Bloc en op kop in de peilingen, wil de macht overnemen van de - ook daar regerende - Liberalen. De Parti, onder leiding van Jacques Parizeau, wil daarna onderhandelingen beginnen met de federale regering in Ottawa en volgend jaar in een referendum de Québécois om hun oordeel over afscheiding vragen.

Dat wordt nog spannend. De Parti die al eens negen jaar aan de macht was, incasseerde in 1980 tijdens een referendum over de soevereiniteit een nederlaag - 60 procent was tegen. Ook uit recente peilingen blijkt dat niet alle Québécois onafhankelijkheid willen. De Parti (33 procent aanhang) ligt voor op de Liberalen (29 procent), maar tegelijk is 52 procent van haar kiezers tegen onafhankelijkheid en 35 procent vóór. Onder de Franstaligen was 44 procent tegen afscheiding, en 42 procent vóór. Geen uitgemaakte zaak dus.

Intussen veroorzaakt de kwestie van oost tot west steeds meer beroering. De andere regionale partij, de rechtse Reformpartij, heeft juist in het westen bij de verkiezingen gewonnen omdat zij niets wil weten van afscheiding door de Franstaligen. De premiers uit de westelijke provincies betichten de separatisten van “oplichterij” en noemen hun pleidooien voor een aparte status van de Franse taal en cultuur “zo nep als een drie-dollarbiljet”. De premier van Alberta heeft al een westers blok bepleit als de Parti wint, terwijl British Columbia zich heeft opgeworpen als “de ergste vijand” van Québec.

De leider van het Bloc Québécois, Lucien Bouchard, eens minister en ambassadeur in Parijs onder Tory-premier Mulroney, gooit voortdurend olie op het vuur met zijn afscheidingscampagne. Die voerde hem recentelijk naar Vancouver en Calgary in het westen. Bouchard werd overal weggehoond en te verstaan gegeven dat hij een vriendelijke scheiding wel kon vergeten. Toen een radio-presentator een lijst met speciale wensen van Québec voorlas, die volgens Engelse Canadezen een voorkeursbehandeling zou betekenen, zei Bouchard: “Wel, ik denk dat we te veel willen. Dus moeten we vertrekken (uit de federatie, red.).”

Onlangs bracht Bouchard ook een informeel bezoek aan de Franse president Mitterrand, om Frankrijk tot erkenning te bewegen bij een afscheiding. Hij kreeg van Mitterrand gedaan dat er geen Canadese regeringsfunctionaris bij de ontmoeting aanwezig was en wees de Fransen op hun “historische verplichtingen”. Maar hij kon Mitterrand niet verleiden tot de donderende slogan die de Franse president De Gaulle in 1969 op het balkon van het stadhuis in Montreal aanhief: “Vive le Québec libre!”

Volgens David Bercuson, historicus aan de Universiteit van Calgary, wekt de kwestie-Québec steeds meer ergernis in de rest van Canada. “Velen zeggen tegen Québec: wij zijn doodziek van deze verdomde kwestie, dus neem een besluit en laat het ons weten, en als jullie willen gaan, dan goodbye”, zei Bercuson onlangs. “Het heersende standpunt is dat als Québec inderdaad vertrekt, er een paar zware kwesties zullen zijn, die niet gemakkelijk op te lossen zijn.”

De separatisten willen gerust opdraaien voor hun deel van de staatsschuld en gebruik blijven maken van de Canadese dollar, maar deskundigen vinden dit onrealistisch omdat Québec zich dan moet onderwerpen aan de monetaire politiek van Canada, zonder enige zeggenschap te hebben. Parizeau en Bouchard denken dat Québec partner in het Noordamerikaanse handelsverdrag (NAFTA) tussen de VS, Mexico en Canada kan worden. Maar de vraag is: zal Canada dat toestaan?

Een van de neteligste zaken is de claim van Indianen, zoals de Cree en Mohawks, van grote lappen land in Noord-Québec. Daar liggen ook dammen met waterkrachtcentrales, belangrijk voor stroomlevering naar de VS. De Indianen die een lange historie van botsingen met Québec achter de rug hebben, zullen zich verzetten tegen de onafhankelijkheid van hun provincie. De Grand Chief van de James Bay Cree heeft Ottawa al om hulp gevraagd om te voorkomen dat de 10.000 Cree-Indianen als “een kudde vee” worden overgeplaatst naar een onafhankelijk Québec. De Canadese minister van Indiaanse zaken heeft die steun toegezegd - tot woede van Québec.

De nieuwe regering in Ottawa heeft de kwestie-Québec tot nu toe vrijwel genegeerd. De Reformpartij heeft de Liberale premier Jean Chrétien, zelf afkomstig uit Québec, verweten dat hij hiermee een “nationaal eenheidsvacuüm” schept. De Liberalen hebben nog geen strategie ontwikkeld, al heeft Chrétien wel gezegd dat Québec zich niet zonder goedkeuring van Ottawa kan afscheiden.

Chrétien werd het vorige week te veel na Bouchards bezoek aan Mitterrand. “Ik ben ervan overtuigd dat Québec Canadees zal blijven”, zei hij. “Terwijl de leider van de oppositie de wereld rondgaat, schept hij nieuwe problemen voor de Canadese economie omdat praten over afscheiding een destabiliserende factor is.” Volgens Chrétien is de belangrijkste zorg van de Québécois economische groei en werkgelegenheid, en niet de onafhankelijkheid. “We verdoen onze tijd.”

Wat heeft deze Liberale 'dinosaurus' tot nu toe zelf klaargespeeld? Chrétien scoort met 68 procent hoog in de peilingen, maar dat dankt hij meer aan het feit dat zijn naam niet Brian Mulroney is, Canada's impopulairste premier aller tijden, en aan zijn onbetwiste integriteit dan aan zijn daden. Hij geniet ook van het comfort dat er sinds de verkiezingen geen andere landelijke politieke krachten meer zijn.

Chrétien heeft een verkiezingsbelofte ingelost door de aanschaf van peperdure militaire helikopters van de vorige regering te schrappen. Maar hij heeft zich ondanks eerdere robuuste taal niet verzet tegen het NAFTA-verdrag. En de aanpak van de economische malaise staat inmiddels op een lager pitje voor verdere studie of consultatie.

“Hun wittebroodsweken zitten er nu wel op”, zei Bouchard onlangs over de Liberalen van Chrétien. “De mensen dachten dat ze banen zouden scheppen en dat ze zouden snoeien op de overheidsuitgaven, maar ze doen helemaal niks.” Volgens Preston Manning van de Reformpartij, Bouchards rivaal, heeft de regering geen nieuw elan in Ottawa geïntroduceerd. “Onze grootste zorg is dat we nu geen alarm zien afgaan.” De toonaangevende krant Globe and Mail heeft Chrétien al de “What, me worry?”-premier genoemd. De vraag is hoe lang hij zich dat imago nog kan permitteren.