Winstherstel KLM nog te pril voor tevredenheid

AMSTELVEEN, 3 JUNI. Terughoudendheid wint het voorlopig van tevredenheid bij de KLM. Het indrukwekkende herstel dat de maatschappij het afgelopen boekjaar realiseerde, vormt in Amstelveen nog geen aanleiding voor veel optimisme. Daar kent men de onzekerheden van de wereldluchtvaart, daar weet men dat de KLM niet langer zo hard kan groeien als de afgelopen jaren het geval was.

De directie van de luchtvaartmaatschappij waakt voor euforie over de gisteren gepubliceerde jaarwinst van 103 miljoen gulden. Het herstel na het verlies van 562 miljoen gulden dat over het vorige boekjaar werd geleden, was groter dan menigeen verwacht had. Maar met de zwarte cijfers is de KLM er nog niet: ze vormen voor president-directeur P. Bouw zelfs onvoldoende basis voor een concrete winstvoorspelling. Het winstniveau is nog te bescheiden, het winstherstel nog te pril. Behoedzaamheid krijgt voorrang. “Gezien de onzekerheden in de luchtvaart acht ik het op dit moment niet verantwoord de vooruitzichten voor het lopende boekjaar verder te preciseren”, herhaalde Bouw gisteren enkele malen.

Ook voor dividend is het dus nog te vroeg. Pas als de KLM dit jaar laat zien dat het winstherstel van structurele aard is en de winst minstens boven 103 miljoen gulden uitkomt, is er volgens financieel-directeur R. Abrahamsen kans op dividend. Aandeelhouders moeten het voorlopig doen met koerswinst. Daarover viel recentelijk overigens weinig te klagen: het afgelopen jaar verdubbelde de waarde van het KLM aandeel op de beurs van 25 gulden naar ruim vijftig gulden.

De terughoudendheid van de KLM-top wekt enige verbazing omdat er de laatste tijd veel 'goed nieuws' te melden was. De maatschappij heeft zich indrukwekkend snel hersteld en kijkt terug op een periode waarin zij zich in positieve zin onderscheidde van de meeste concurrenten. De KLM voerde succesvol flinke kostenbesparingen door, haalde via een geslaagde aandelenemissie 1,2 miljard gulden binnen en wist het aandeel op de Europese vliegmarkt op eigen kracht te vergroten van 4,2 tot 5,5 procent. Verder bleef de schade door het opheffen van KLM's Royal Class beperkt, boekt de Amerikaanse partner Nortwhest opvallend goede resultaten en heeft de wereldluchtvaart na Golfoorlog en recessie de zwaarste tijd nu wel achter de rug.

Maar KLM's herstel kent ook schaduwzijden. Zo is de winst voordelig beïnvloed doordat de KLM per 1 april vorig jaar 21 maanden lang geen werkgeversbijdrage aan de KLM-pensioenfondsen hoeft af te dragen. In het afgelopen boekjaar had dat een positief effect op de resultaten van 291 miljoen gulden. Deze 'premie-holiday' vervalt dit boekjaar, al wil Bouw personeel en vakbonden voorstellen de regeling te verlengen.

De terughoudendheid van de directie over de toekomst kan ook verklaard worden uit het feit dat de KLM dit jaar te maken krijgt met afkalvende groei. De afgelopen drie jaar groeiden vervoer en productiviteit van de maatschappij dubbel zo hard als de markt. Sinds de invoering van het programma concurrerend kostenniveau in 1990 nam de arbeidsproductiviteit toe met 36 procent, steeg de vlootbenutting met 18 procent en daalden de kosten per eenheid met 16 procent. De vervoersgroei van de KLM bedroeg de afgelopen drie jaar gemiddeld 10,3 procent per jaar terwijl de gemiddelde groei in de bedrijfstak 4,8 procent bedroeg. Maar de komende jaren maakt de KLM pas op de plaats en zal de groei van de Nederlandse luchtvaartmaatschappij gelijke tred houden met de groei van de luchtvaartindustrie. De KLM wil hard zijn best doen de huidige marktaandelen vast te houden. Groei maakt plaats voor stabilisatie.

De afgelopen jaren behaalde de KLM juist een groot deel van haar kostenbesparingen uit de schaalvoordelen die de grote groei met zich mee brachten. Dat zal nu een stuk moeilijker worden. De wereldluchtvaart heeft voorlopig nog met dalende ticketprijzen te maken al is de daling volgens Bouw bijna ten einde. In het eerste kwartaal van het afgelopen boekjaar daalde de gemiddelde opbrengst per passagier nog met 12 procent, in het laatste kwartaal was dat nog maar twee procent. Om de opbrengst te vergroten wil Bouw “selectiever” zijn. “We moeten ons richten op vervoersstromen met een hogere opbrengst per stoel”, betoogde hij gisteren.

Die opmerking past in KLM's oplossing voor blijvende winst: er moet structureel op de kosten bespaard worden. Daarin past onder meer de gisteren bekend gemaakte wijziging in de vloot. KLM vervangt tien Airbus-toestellen A310-200 voor zeven vliegtuigen van het type Boeing 767-200ER. Via een operational lease-constructie met de nieuwe toestellen acht de KLM zich in de toekomst flexibeler en dus goedkoper uit. Structureel bezuinigen kan ook nog steeds door met partners kosten te delen. Hoewel Bouw gisteren stellig ontkende dat de KLM in gesprek zou zijn met Alitalia, gaat de speurtocht naar een Europese partner door. Ook zoekt de KLM partners in Azië, de sterkst groeiende vliegmarkt ter wereld.

De belangrijkste structurele kostenbesparingen zullen echter moeten blijven komen van de KLM-werknemers zelf. In het jaar dat de KLM haar 75-jarig bestaan viert, kunnen personeel en bonden zich opmaken voor een nieuwe serie gesprekken met de KLM-top. “Deze tijd vraagt om soberheid en doelmatigheid”, sloot Bouw gisteren af. Daarmee is een deel van zijn terughoudendheid bij de presentatie van de winst verklaard. Het KLM-personeel moet vooral niet het idee krijgen dat het weer goed gaat met hun maatschappij anders zal het nooit bereid zijn nog harder te werken tegen nog lagere kosten.