VVD: stel besluit over opvolging van Delors uit

DEN HAAG, 3 JUNI. De VVD-lijsttrekker voor de Europese verkiezingen, G. de Vries, wil dat de beslissing over het voorzitterschap voor de Europese commissie wordt uitgesteld. Hij zei dit gisteren tijdens een debat tussen de lijsttrekkers voor de Europese verkiezingen in Nieuwspoort. Volgens De Vries zou het nieuw gekozen Europees parlement dat op 18 juli wordt geïnstalleerd de kans moeten krijgen zich over een kandidaat uit te spreken. Pas daarna zouden de Europese regeringsleiders een besluit moeten nemen.

Volgens het CDA laat de Europese regelgeving zo'n procedure echter niet toe. Pas achteraf kan het Europees parlement zich uitspreken over de nieuwe Commissie, niet vooraf, aldus een woordvoerder van het CDA. De PvdA kondigt aan dat de Socialistiche fractie in het Europees parlement het Griekse voorzitterschap zal verzoeken eerst het nieuwe parlement te raadplegen alvorens een beslissing te nemen over het commissie-voorzitterschap.

VVD-lijsttrekker De Vries zegt dat er “geen regels zijn die een debat in het Europees parlement over de meest geschikte kandidaat verbieden. We hebben hier te maken met een unieke situatie waarbij twee premiers, een officieel en een niet officieel, in de race zijn, plus een paar andere topkandidaten. Het is niet goed voor het aanzien van Europa dat de regeringsleiders daarover verdeeld zijn.” De Vries geeft toe dat ook het Europees Parlement het niet zomaar eens zal worden over een kandidaat. Zelf acht hij premier Lubbers, “gezien diens lange internationale ervaring objectief gezien de beste kandidaat.”

Tijdens het debat, gisteren, bleek verder dat alle partijen het erover eens zijn dat Het Europees Parlement de nieuwe Europese Commissie naar huis moet sturen als daarin een Italiaanse neo-fascist wordt opgenomen. Onlangs werden vijf neo-fascisten in de Italiaanse regering benoemd.

Het debat spitste zich toe op de vraag hoe gedetailleerd het Europees Parlement bepaalde zaken dient te bespreken. Alle Europese politici van PvdA, CDA, D66, Groen Links en kleine christelijke partijen waren het erover eens dat het parlement teveel aandacht besteedt aan zaken als het geluidsniveau van grasmaaiers en de samenstelling van gehaktballen.