Bosnische moslims wel naar overleg met 'contactgroep'

GENÈVE, 3 JUNI. Als gevolg van het wegblijven van de moslims is het gisteren in Genève niet tot een hervatting van het Bosnische vredesoverleg gekomen. De moslims hebben laten weten morgen wel aanwezig te zullen zijn op een bijeenkomst van de internationale 'contactgroep' met de strijdende partijen, die volgende week zou moeten plaatsvinden, maar die is vervroegd.

De moslims hadden eerder deze week gedreigd niet naar Genève te komen zolang zich nog Bosnisch-Servische militairen in de voor hun verboden drie-kilometerzone rond het centrum van de moslim-enclave Gorazde bevinden. Ze maakten gisteren dat dreigement waar, toen de VN-vredesmacht UNPROFOR uit Gorazde rapporteerde dat de Serviërs zich - al hun beloften ten spijt - nog steeds niet uit de stad hadden teruggetrokken. Het wegblijven van de moslims dwong de speciale VN-gezant voor ex-Joegoslavië, Yasushi Akashi, er in Genève toe de besprekingen af te gelasten.

Gisteravond werd uit Gorazde gemeld dat de naar schatting 150 Bosnisch-Servische soldaten waren begonnen zich uit het centrum van Gorazde terug te trekken. De aftocht was echter vanochtend nog niet voltooid. Hoewel men in Genève vanochtend nog hoopte in de namiddag wellicht toch nog met de strijdende partijen over een bestand in Bosnië te kunnen praten, leek de kans daarop zeer klein.

Akashi sprak gisteren in Genève met de leider van de Bosnische Serviërs, Radovan Karadzic, in gezelschap van de militaire commandanten van UNPROFOR in ex-Joegoslavië en Bosnië, de generaals De Lapresle en Rose. Tijdens dat onderhoud beloofde Karadzic opnieuw een Servische aftocht uit Gorazde. Akashi liet echter duidelijk doorschemeren niet voetstoots meer te geloven aan de beloften van Karadzic: “Hij heeft bepaalde dingen beloofd. We zullen zien of onze mensen in Gorazde dat kunnen verifiëren.”

De Bosnische ambassadeur bij de VN in Genève, Mustafa Bijedic, beloofde gisteren dat de moslims wel een delegatie zullen sturen naar een bijeenkomst van de internationale contactgroep (bestaande uit vertegenwoordigers van Rusland, de Verenigde Staten, de VN en de Europese Unie) die morgen in Genève begint en die twee dagen zal duren. Deze bijeenkomst is een vervolg op de conferentie die eind vorige maand in het Franse Talloires is gehouden. Daar werd afgesproken het overleg midden volgende week, eveneens in Talloires, voort te zetten. “Om praktische redenen” is de vervolgconferentie echter vervroegd tot morgen en verplaatst naar Genève. Diplomaten gingen er gisteren in Genève van uit dat de bijeenkomst weinig concreets zal opleveren. Op basis van die verwachting is een ministersconferentie, die op 13 juni aan de kwestie-Bosnië zou worden gewijd, afgelast.

Op diverse plaatsen in Bosnië laaide gisteren de strijd op. In Srebrenik, ten noorden van Tuzla en ten zuiden van de corridor die Servië verbindt met door de Serviërs beheerste gebieden in het noorden en noordwesten van Bosnië, werden meer dan driehonderd artillerie-explosies geregistreerd. In het oostelijker gelegen Teocak bestookten de Serviërs de moslims, terwijl de moslims de Serviërs bestookten in het westelijker gelegen Doboj. Ook ten noorden van Sarajevo, aan de grens van de twintig-kilometerzone rond de stad waarbinnen de strijdende partijen geen zware wapens mogen hebben, werd gevochten. Daar werden 150 artillerie-inslagen geconstateerd.

De Bosnische Serviërs zijn woensdag op het nippertje ontsnapt aan luchtaanvallen door NAVO-vliegtuigen. Dat gebeurde na een artillerie-aanval op Bugojno in Centraal-Bosnië, waarbij ook een basis van Britse VN-troepen onder vuur werd genomen. Zeker zeven granaten kwamen binnen of vlakbij de Britse basis terecht. De Britten vroegen daarop VN-gezant Akashi en de opperbevelhebber van de VN-vredesmacht in ex-Joegoslavië, generaal De Lapresle, bij de NAVO om luchtaanvallen te verzoeken. Akashi en De Lapresle stemden in met het voorstel en wendden zich tot de NAVO. Tot luchtaanvallen kwam het echter niet omdat de Serviërs hun beschieting staakten. (Reuter, AP, AFP)