Alice Hoffman

Alice Hoffman: Second Nature. Uitg. Putnam, 254 blz. Prijs ƒ 54,60.

Het antidepressivum Prozac is nu ook al doorgedrongen tot de literatuur. In Alice Hoffmans tiende roman, Second Nature, behandelt een Newyorkse depressieve psychiater zichzelf met het middel. Uiteindelijk knapt hij op, echter niet door een chemische verbinding maar doordat hij een daad van menselijkheid verricht.

Het huwelijk van de psychiater is stukgelopen, en tot overmaat van ramp ook zijn behandeling van een unieke patiënt, de Wolvenman. Dit is een jonge man die als peutertje, de enige overlevende van een vliegramp, werd opgenomen door een wolvenpaar met welpen. Tientallen jaren later loopt hij in een strik, wordt door de stropers nog net als mens herkend en naar een traumacentrum overgebracht waar hij op geen enkele therapie reageert. Wanneer hij, zwaar bewaakt en met spanlakens in de aanslag, wordt overgebracht naar een gevangenis waar hij de rest van zijn leven zal moeten slijten, grijpt een vrouw in die toevallig ziet hoe hij razendsnel een muisje grijpt en weer veilig neerzet. In een opwelling neemt ze hem mee naar huis, waar ze hem verbergt voor haar zoon, haar ex-man en de buren tot ze hem zover heeft dat hij praat, leest, schaakt en haar helpt in de tuin. Tegen die tijd zijn ze bovendien een vurige seksuele relatie aangegaan.

Het dankbare motief van het enfant sauvage dat naar de 'beschaving' wordt overgebracht heeft Hoffman op boeiende, soms lichtelijk sentimentele wijze uitgebuit in haar boek, dat ook een thrilleraspect kreeg. Als de Wolvenman op een feestje de ex-man van zijn geliefde ontmoet: 'If they were honest about it, they'd be circling each other now. But men weren't honest; they sipped beer and smiled and didn't show their teeth.' De Wolvenman verenigt het beste van twee werelden in zich: de bewegingen van een dier maar het geweten van een mens, en andere keren juist omgekeerd. Om logica bekommerde de schrijfster zich minder dan om spanning en vaart in haar roman, die op happy ends voor de meeste personages en een aloude wijsheid uitdraait: de mens is de mens een wolf.