'Volkskapitalisme' verdampt bij British Telecom

AMSTERDAM, 2 JUNI. Het spervuur aan reclame voor het aandeel KPN, gericht op particuliere beleggers, doet vermoeden dat in Nederland een periode van 'volkskapitalisme' is aangebroken. Gezien de Britse ervaring met de privatisering van British Telecom (BT) lijkt de reclamecampagne verspilde moeite. Bij BT speelt de particuliere belegger, tien jaar na de beursgang, geen rol van betekenis meer.

In 1984 beweerde Margaret Thatcher dat de privatisering van BT en andere staatsbedrijven de Britten zou veranderen in actieve kapitalisten. Daar is bitter weinig van terecht gekomen. In de vroege jaren zestig was 50 procent van de Britse aandelen nog in particuliere handen. Begin jaren negentig was dat percentage, ondanks een vloedgolf van privatiseringen van staatsbedrijven, gedaald tot circa 20. Net als in Nederland is het wegens fiscale redenen voor Britse particulieren veel interessanter hun geld te steken in indirecte beleggingen, zoals pensioenfondsen, levensverzekeringen of beleggingsfondsen.

Zelden zal een overheid zo weinig waardering gekregen van zijn burgers als de Britse overheid voor de privatisering van staatsbedrijven als BT, British Gas, Cable and Wireless, National Power, PowerGen en British Steel. Veel logge, genationaliseerde bedrijven zijn omgevormd in gezonde, winstgevende ondernemingen. Een eindeloze subsidiestroom is ingedamd. De prijs van telefoonverkeer, elektriciteit en gas is - gecorrigeerd voor inflatie - gedaald. De dienstverlening van deze bedrijven is sterk verbeterd. Voor veel Europese landen zijn de Britse privatiseringen een voorbeeld dat navolging verdient.

Toch menen veel Britten dat het privatiseringsprogramma, dat de overheid sinds de vroege jaren tachtig meer dan 50 miljard pond (tegen de huidige koers van het pond 140 miljard gulden) heeft opgeleverd, te ver is doorgeschoten. De geprivatiseerde nutsbedrijven worden met wantrouwen bezien. De Britten leven in het - onjuiste - geloof dat de prijzen zijn gestegen en de kwaliteit van de verleende diensten is gedaald.

Hoe onpopulair privatisering is in Groot-Brittannië komt tot uiting in de felle protesten tegen de voorgenomen beursgang van de posterijen en Railtrack, het staatsbedrijf dat de rail-infrastructuur exploiteert. Veel Britten menen dat na de beursgang van het postbedrijf de bezorging van post op het platteland peperduur zal worden. De voorlopige leider van Labour, Margaret Beckett, noemde de privatisering van de Britse posterijen enkele dagen geleden “corrupt, wraakzuchtig en incompetent”. Ze stak een beschuldigende vinger uit naar het kabinet van John Major dat een kleine groep bevriende lieden uit de Britse financiële wereld zeer veel geld zou laten verdienen aan de beursgang.

Toch hebben niet alleen de Britse bankiers de afgelopen tien jaar goed verdiend aan de privatiseringsgolf. Beleggers die in de jaren tachtig deel namen aan het Britse 'volkskapitalisme' zagen hun investeringen beloond met een rendement dat het gemiddelde van de beurs oversteeg of in ieder geval evenaarde. BT volgde getrouw de waarde van de Britse beursindex. De waarde van geprivatiseerde waterleidingbedrijven verdubbelde zelfs sinds de beursgang in december 1989, terwijl de beursindex in Londen circa 40 procent steeg.

Koninklijke PTT Nederland wordt afgeschilderd als een 'solide', tamelijk risicoloze belegging, maar uit de Britse voorbeelden blijkt dat het karakter van een voormalig staatsbedrijf snel kan veranderen. Traditioneel voorzichtige Britse nutsbedrijven nemen grotere risico's. Bedrijven als British Telecom en British Gas deden al veel zaken in het buitenland toen ze nog in staatshanden waren. Maar de afgelopen paar jaar wagen zelfs typisch 'binnenlandse' ondernemingen als water- en elektriciteitsbedrijven en luchthavens zich op de buitenlandse markt. Geprivatiseerde Britse bedrijven verzorgen de watervoorziening in Mexico City, elektriciteit in Pakistan en exploiteren winkeltjes op de luchthaven van Pittsburgh.

KPN schermt in reclamespotjes graag met ambitieuze buitenlandse plannen, zoals bijvoorbeeld in Oekraïne. Buitenlandse avonturen van Britse nutsbedrijven hebben echter tot nu toe weinig opgeleverd. Veel van hun 'diversificatie-projecten' - zowel binnenlands- als buitenlands - zijn verliesgevend gebleken. BT verloor bijvoorbeeld 220 miljoen dollar (circa 400 miljoen gulden) door zijn eerste grote overname in 1986 van Mitel, een Canadese leverancier van telecommunicatie-apparatuur. Een belang van 22 procent in het Amerikaanse hightech-bedrijf McCaw leverde BT zelfs een verlies van 1,5 miljard gulden op.

In Nederland wil de Staat als regulerende instantie een oogje in het zeil houden bij KPN, een constructie die indruist tegen tien jaar Britse ervaring met privatisering van nutsbedrijven. De Britten zijn ervan overtuigd dat de regulerende instantie onafhankelijk moet zijn. De Nederlandse overheid, die bovendien nog aandeelhouder blijft bij KPN, is veel gevoeliger voor politieke lobbies van grote bedrijven. Dat kan KPN met name van pas komen wanneer het concern na 1998 ook op de binnenlandse markt voor telefonie geconfronteerd wordt met medediging. Zouden concurrenten het telecombedrijf het vuur te na aan de schenen leggen, dan is het heel verlokkelijk voor KPN aan te kloppen bij de overheid.

In Groot-Brittannië is de regulering van nutsbedrijven in handen gegeven van een onafhankelijke instantie. In het geval van BT is dat Oftel. Een van de lessen is dat deze instantie altijd de voorkeur moet geven aan concurrentie boven regulering. Het monopolie dat British Gas en British Telecom bezaten op hun terrein was zo groot dat er nauwelijks concurrentie opdook, behalve wanneer de regulerende instantie een helpende hand toestak.

Vorig jaar verzorgde BT nog steeds circa 97 procent van het binnenlandse telefoonverkeer in Groot-Brittannië. Oftel startte daarom een onderzoek naar de vraag of BT zijn concurrenten niet te veel in rekening gebracht voor het gebruik van het binnenlandse telefoonnet. Om BT al vast te laten wennen aan de concurrentie dwingt Oftel het Britse telecombedrijf de binnenlandse tarieven fors te verlagen, waardoor de inkomsten met honderden miljoenen ponden dalen. BT kan voorlopig de winstgevendheid op peil houden door tienduizenden banen te schrappen, een weinig opwekkend vooruitzicht voor KPN-werknemers.