Provocerende Reznor scheert langs smerig en net

Concert: Nine Inch Nails. Gehoord: 31/5 Paradiso, Amsterdam.

Nine Inch Nails is eigenlijk maar een man, of liever gezegd het bedenksel van een man: Trent Reznor, een Amerikaan die graag wil shockeren. Reznor tooide zijn groep met de naam Nine Inch Nails, de slang-uitdrukking voor 'pik'. Met zijn woeste gedrag tijdens optredens verwondt hij regelmatig zichzelf en zijn muzikanten. En toen de nieuwe cd moest worden opgenomen, liet Trent Reznor de wereld weten dat hij daar het huis voor had gehuurd waar ooit actrice Sharon Tate werd vermoord.

Reznors esthetiek van de verdorvenheid uit zich ook in zijn muziek. Zijn electro-rock zit in dezelfde hoek als die van Ministry: ritmes als mitrailleurvuur, grauwe synthesizerdreunen, gemene zang. Maar het is geen willekeurig verval dat door Reznor op cd wordt gezet. Het wordt zoals op zijn nieuwste, The Downward Spiral, met behulp van computers afgepast. Daardoor klinkt alles, hoewel smerig en meedogenloos, ook heel netjes.

Reznors composities zijn monotoon, met wonderlijk getimede overgangen. In sommige nummers is de strengheid van zijn precisiewerk aansprekend, in de meeste gevallen werkt de overdaad aan computerklanken vervlakkend. Bij een live-optreden brengt Reznor vier muzikanten mee die reguliere instrumenten bespelen. Maar achter in de zaal, bij het bovenmaatse mengpaneel, stond gisteravond een geluidsman die ongetwijfeld meer deed dan die vier muzikanten bij elkaar; de drums klònken in ieder geval anders dan wat we de drummer zagen spelen.

Een enkel gitaarakkoord drong zich nu en dan nog door de electronica-muur heen. Reznor zelf bespeelde een klavier dat waarschijnlijk niet was aangesloten, zoals dat van Eno vroeger bij Roxy Music. Maar wat Reznor en zijn muzikanten nu wel of niet werkelijk speelden, maakt eigenlijk niet uit: ze déden het overtuigend. Reznor, gekleed in een zwarte step-in en gescheurde netkousen, zong als een duivel, en zijn keyboardspeler wierp zich met al zijn kracht op de toetsen. Het publiek in het uitverkochte Paradiso raakte door het dolle. Het was niet mogelijk om het podium te bereiken en te stagediven. Maar vanaf het balkon was het alternatief te aanschouwen: men gooide zich door de zaal alsof het een boksring was.