Loonstijging in grote CAO's vorig jaar 3,2 procent

ROTTERDAM, 2 JUNI. De lonen in ruim honderd grotere CAO's (3,1 miljoen werknemers) zijn vorig jaar gemiddeld 3,2 procent omhoog gegaan. Dat is 1,2 procentpunt minder dan de loonstijging in 1992.

Dit blijkt uit een inventarisatie van de Dienst collectieve arbeidsvoorwaarden van het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid. In CAO's voor 1993 die vóór eind 1992 waren afgesloten, lag de gemiddelde loonstijging op 4,6 procent; CAO's die in de loop van 1993 werden afgesloten kenden een loonstijging van gemiddeld 2,2 procent.

De loonkosten kwamen in 1993 gemiddeld 3,5 procent hoger uit, 0,3 procentpunt meer dan de loonstijging. Dat lag aan de VUT-premie (plus 0,1 procentpunt) en de compensatie van de verlaagde uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid (plus 0,2 procentpunt). Voor ruim 85 procent van de werknemers die onder de grotere CAO's vallen is dit WAO-gat gerepareerd. Over het algemeen wordt de WAO-uitkering de eerste twee jaar aangevuld tot boven de 70 procent van het loon. Werknemers betalen gemiddeld 1,4 procent van hun brutoloon voor de WAO-gatverzekering, werkgevers gemiddeld 0,2 procent van de loonsom.

De Industriebond FNV is niet tevreden over de CAO's die de bond tot dusver in 1994 heeft afgesloten. “De resultaten op het gebied van de werkgelegenheid zijn te mager”, zegt CAO-coördinator H. Krul van de industriebond in het vakbondsblad FNV Magazine.

Krul prijst zijn CAO-onderhandelaars voor de loonmatiging die zij hebben betracht. In de 80 CAO's die tot nu toe zijn afgesloten (totaal ruim 300.000 werknemers) stijgen de lonen over de hele looptijd gemiddeld met 0,93 procent. In behoud en/of uitbreiding van werkgelegenheid is zo'n 1,5 procent gestoken. “Maar als je kijkt naar de absolute getallen, dan is het resultaat onvoldoende”, zegt Krul. Loonmatiging alleen is niet genoeg, aldus de CAO-coördinator. Hij wijst daarbij naar de CAO voor Heineken. De bierbrouwer maakt flinke winsten, maar vermindert het aantal arbeidsplaatsen. Desondanks blijven de loonstijgingen beperkt. “Bij het aantrekken van de conjunctuur komen er meer van dat soort bedrijven”, zegt Krul. “Dat is een probleem. Meer winst en minder werk, dat kan niet. Dat ondermijnt de loonmatigingsfilosofie.”

Werkgevers en vakbonden hebben gisteren overeenstemming bereikt over een nieuwe CAO voor de 12.000 werknemers van tuincentra. Het akkoord voorziet in een eenmalige uitkering van 1 procent per 1 oktober en een loonsverhoging van 0,5 procent per 1 maart volgend jaar. Verder wordt de gemiddeld werkweek eind volgend jaar met een uur verkort tot 37 uur en wordt ook een regeling voor vervroegd uittreden ingevoerd. De bedrijfstak kende tot dusver geen VUT. Afgesproken is dat werkgevers 0,6 procent en werknemers 0,3 procent aan de benodigde VUT-premie bijdragen.