Haarlem drie dagen in teken van strip

HAARLEM, 2 JUNI. Hoogtepunt van de Haarlemse Stripdagen, die morgen beginnen en tot en met zondag duren, is de tentoonstelling van het werk van de Italiaanse tekenaar/kunstenaar Lorenzo Mattotti in de Vleeshal. Andere grote striptentoonstellingen hebben plaats in Teylers Museum ('De wereld van Bruintje Beer') en in de Vishal, waar onder de titel 'Kus me, kus me zeeman' werken van moderne kunstenaars te zien zijn die aan strips refereren. Elders in Haarlem zijn nog eens vierentwintig andere (veelal kleine) exposities te zien. “De Stripdagen zijn een goede gelegenheid om de kunstzinnige mogelijkheden van strips onder de aandacht van een groot publiek te brengen,” zegt organisator Joost Pollman. Hij vindt dat strips door de Nederlandse media nogal stiefmoederlijk behandeld worden. De tweejaarlijkse Stripdagen hebben dit jaar voor de tweede keer plaats.

Bijna elke culturele instelling in Haarlem heeft activiteiten georganiseerd die direct of indirect met het stripverhaal te maken hebben. De galeries hebben zich gezamenlijk gericht op het werk van politieke tekenaars en cartoonisten. Opland, Peter van Straaten, Frits Müller en Jaap Vegter hebben ieder een eigen tentoonstelling. Daarnaast is er aandacht voor het oeuvre van hun voorgangers: de tekeningen die Johan Braakensieck tot 1931 in De Amsterdammer publiceerde worden in Haarlem geëxposeerd, evenals oude politieke prenten van Jan Sluiters, Marius Bauer en Piet van der Hem.

Op de Haarlemse Grote Markt heeft een (strip)boekenmarkt plaats. In een grote tent zijn daar de stands van zo'n vijftig uitgevers, antiquariaten en stripwinkels ondergebracht. De activiteitenagenda omvat verder onder meer een veiling, een ruilbeurs, signeersessies, lezingen, films en de nodige feesten.

Dat Haarlem zich eens per twee jaar het centrum van de stripwereld mag noemen is de verdienste Joost Swarte. Hij bedacht in 1992 dat er naast de Stripdriedaagse (die jaarlijks in Breda wordt georganiseerd) plaats moest zijn voor een evenement dat nadrukkelijk aandacht aan de culturele aspecten van het stripverhaal zou besteden. Swarte vond bij gemeente en de Haarlemse musea een gewillig oor voor zijn initiatief. Toen de busmaatschappij NZH zich aandiende als hoofdsponsor en het Stripschap zich bereid verklaarde ook in Haarlem een stripbeurs te organiseren stond niets de voortgang meer in de weg. Swarte (“Ik ben destijds drie maanden lang niet aan mijn gewone werk toegekomen”) droeg het voorzitterschap van de organiserende Stichting Beeldverhaal Nederland over aan Joost Pollman en was dit jaar alleen op de achtergrond actief.

De Stripdagen trokken in 1992 niet alleen 20 duizend bezoekers, maar vestigden in één klap een reputatie als volwaardig alternatief voor het Festival in het Franse Angoulême. Met de aanwezigheid van Enki Bilal, Ever Meulen, Art Spiegelman, Lorenzo Mattotti en vele andere internationaal bekende auteurs kan Haarlem die goede naam verder uitbouwen. “De Stripdagen zijn heel snel een eigen leven gaan leiden,” bevestigt Joost Pollman. “In vergelijking met 1992 is het evenement bovendien een stuk omvangrijker geworden.” Pollman is ingenomen met de aanwezigheid van de Braziliaanse auteur Sonia Bibe Luyten. “Ze is een representant van de academische wereld en verdedigt met volle overtuiging de stelling dat strips de belangrijkste kunstvorm van de twintigste eeuws zijn. Dat vind ik een prikkelend uitgangspunt.” Tegen de tijd dat Bibe Luyten, ooit zelf organisator van een Stripfestival (Rio de Janeiro), zondagmiddag haar lezing in Teylers Museum afsluit begint in de Amsterdamse Kleine Komedie een publiek interview met Art Spiegelman ('Maus').

Een dag eerder zal bekend worden gemaakt wie de winnaar is van de NZH stripprijs. Elke twee jaar wordt deze prijs (5000 gulden) door een jury bestaande uit tekenaars, uitgevers, journalisten, winkeliers en andere 'strip-professionals' toegekend aan het beste Nederlandstalige stripalbum. De NZH stripbeurs (2000 gulden) een aanmoedigingsprijs die talentvolle tekenaars in staat stelt in eigen beheer een stripboek uit te geven zal vrijdag worden uitgereikt aan de Groningse tekenaar Edmond Spierts.