Verzoek van VN-militairen bij Tuzla afgewezen; Akashi wilde geen luchtaanval

SARAJEVO, 1 JUNI. De speciale VN-gezant in ex-Joegoslavië, Yasushi Akashi, heeft gisteren opnieuw geweigerd gevolg te geven aan een verzoek van VN-militairen om luchtacties tegen de Bosnische Serviërs. Dat verzoek werd ingediend na een beschieting van het vliegveld van Tuzla in Noord-Bosnië.

Het vliegveld werd gisteren twee keer beschoten met artilleriegranaten. De eerste aanval werd uitgevoerd zeven minuten nadat een vliegtuig met hulpgoederen was geland. De granaten kwamen op twintig meter van de brandweerkazerne en op tweehonderd meter van de controletoren neer. Niemand raakte gewond. Met radarapparatuur werd vastgesteld dat de granaten waren afgevuurd vanaf stellingen van de Bosnische Serviërs op zestien kilometer van het vliegveld.

Een VN-woordvoerder in Tuzla zei gisteren dat direct na de aanval om luchtaanvallen van de NAVO - mogelijk op grond van het ultimatum over de bescherming van de zogenoemde 'veilige gebieden' - op de stellingen van de Serviërs was gevraagd. Het verzoek werd echter niet doorgegeven aan de NAVO, omdat Akashi zijn instemming niet wilde geven. Zonder Akashi's toestemming kunnen de boven Bosnië patrouillerende NAVO-vliegtuigen niet in actie komen. De reden voor de weigering is niet bekend.

In Sarajevo heeft het Bosnische parlement - sinds het weglopen van de Serviërs bestaande uit moslims en Bosnische Kroaten - gisteren de leider van de Kroaten, Krešimir Zubak, tot president van de nieuwe moslim-Kroatische federatie gekozen en de moslim Ejup Ganic tot vice-president. Tevens koos het parlement de Bosnische premier Haris Silajdzic tot premier van de federatie. Hij kreeg de opdracht binnen twee weken zijn kabinet te wijzigen. Dit kabinet zal dan dienen als regering van zowel Bosnië-Herzegovina als de federatie.

De benoeming van Zubak tot president van de Bosnische federatie betekent niet dat hij de Bosnische president Alija Izetbegovic vervangt. Deze blijft althans voorlopig fungeren als voorzitter van het collectieve staatspresidium van de republiek en daarmee als staatshoofd. Ganic was al vice-president van Bosnië-Herzegovina; hij is nu ook vice-president van de federatie.

In zijn inaugurele rede deed Zubak, een jurist die pas sinds kort de Bosnische Kroaten leidt, een beroep op de moslims en de Kroaten elkaar na hun onderlinge oorlog wederzijds te “vergeven” en “geduldig te werken aan de wederopbouw van hun wederzijdse relaties”.

Premier Silajdzic heeft zich gisteren somber uitgelaten over de mogelijkheid dat de moslims en de Kroaten alsnog zullen deelnemen aan het Geneefse vredesoverleg, dat morgen in Genève zou moeten worden hervat. De moslims en de Kroaten eisen dat 150 Servische militairen uit de moslim-enclave Gorazde worden teruggetrokken; zo lang dit niet gebeurt, zijn ze niet bereid aan vredesbesprekingen deel te nemen.

Volgens Silajdzic moet worden betwijfeld of de Serviërs werkelijk een rechtvaardige vrede willen en of er, zocht het tot vrede komen, garanties zijn om een regeling af te dwingen. Het falen van de internationale gemeenschap om ultimata af te dwingen, zo maakte hij duidelijk, maakt de regering in Sarajevo huiverig voor regelingen zonder duidelijke garanties. Op de vraag wat hij vond van recente commentaren, waarin de moslims verantwoordelijk worden gesteld voor het uitblijven van een regeling, zei Silajdzic: “We zijn vanaf het begin een probleem geweest omdat we er wáren. Daarom hebben de Serviërs ons vermoord, in concentratiekampen gestopt. De wereldgemeenschap heeft hen geholpen door een wapenembargo tegen ons in te stellen.”

Silajdzic sprak zich uit tegen een wapenstilstand van vier maanden, zoals de internationale 'contactgroep' voor Bosnië heeft voorgesteld, omdat volgens hem elke wapenstilstand vergezeld moet gaan van vooruitgang over een permanente regeling. Een bestand van vier tot zes weken, zei hij, is lang genoeg omdat het het de gelegenheid biedt serieus naar oplossingen te zoeken zonder dat de terreinwinst van de Serviërs bestendigd raakt. (Reuter, AFP, AP)