Rechtbank verwerpt 'inkijk'-bewijs

AMSTERDAM, 1 JUNI. De informatie die de Maastrichtse politie heeft verkregen door middel van een inkijkoperatie, mag niet voor de bewijsvoering worden gebruikt. Dat oordeelde gisteren de rechtbank in Maastricht in een zaak tegen vijf personen die verdacht werden van het exploiteren van een XTC-laboratorium.

Volgens de politie bestond de operatie uit het “optillen van het dak van een garagebox”. Een kantelpoort en een loopdeur gaven toegang tot de garagebox. Het dak bestond uit eternieten golfplaten, die volgens de politie los lagen. Een politieman, staande op de rug van zijn collega, tilde het dak op en keek door een kier van 15 centimeter de box in. In het interieur van de box zag hij een op een expansievat en een tabletteermachine gelijkend apparaat en een afzuiginstallatie.

Bij de inval op 25 februari van dit jaar in de garage trof de politie een produktieruimte aan voor XTC-pillen. Er werden in totaal vijf verdachten aangehouden. Tijdens de inval waren twee tabletteermachines in bedrijf en waren al enige duizenden pillen gemaakt.

De officier stelde dat er geen sprake was van wederrechtelijk binnentreden. Volgens advocaat Th. Hiddema bestaat er “bouwtechnisch bezien een vanzelfsprekende noodzakelijkheid de eenheid tussen muren en dak niet te verbreken” en was er dus sprake van braak. De rechtbank volgde het verweer van Hiddema.

Nabben tilt niet zo aan de uitspraak van de rechter. Hij wijst er op dat de verdachten “vrijwel conform” de eisen zijn veroordeeld. Zij kregen straffen van drie jaar met aftrek van voorarrest tot een jaar, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.