Lichte ontspanning op geldmarkt

AMSTERDAM, 1 JUNI. Het rentepessimisme dat begin vorige week de geldmarkt beving, nam rond het afgelopen weekend licht af. Dit bleek uit de fractionele daling sinds vrijdag van de interbancaire rentes met 5 (kortere termijnen) à 10 (langere termijnen) basispunten. Toch resteren ten opzichte van anderhalve week geleden nog steeds hogere tarieven. Voor twee- en drie-maands interbancair geld bedraagt het verschil 10 basispunten.

De lichte ontspanning volgde op een nuancering door Deutsche Bundesbank-president Tietmeyer van zijn eerdere opmerking over een voorlopig einde aan de renteverlagingen. Dit betreft slechts de officiële tarieven, zo liet hij weten, en niet het Repo-tarief.

Met spanning werd dan ook uitgekeken naar het Repo-tarief van hedenochtend. Er rolde andermaal een lichte verlaging uit de bus, ditmaal met 5 basispunten tot 5,15 procent. Voorlopig zal het bij dit soort minieme rentereducties blijven, mede gezien de aanhoudend onstuimige geldgroei (15,8 procent in april). De Bundesbank zal zich hiervan bij haar beleid in toenemende mate rekenschap moeten geven - vooral nu de Duitse economie lijkt aan te trekken - op straffe van verlies aan geloofwaardigheid. Gisteren liet ook Bundesbank-bestuurder Issing zich in die zin uit. Met de discontoverlaging van medio mei beoogt de Bundesbank een substitutie op gang te brengen van korte passiva, die tot de geldhoeveelheid behoren, naar lange passiva, die niet tot de geldhoeveelheid behoren. Als die opzet niet zal lukken - dit zou uit de geldgroeicijfers over mei of juni moeten blijken - dan ziet de nabije toekomst voor verdere disconto-verlagingen er niet zo florissant uit. Wat verder in de tijd vooruit kijkend, vinden op 16 oktober in Duitsland parlementsverkiezingen plaats. Het is denkbaar dat de Bundesbank, om iedere schijn van beïnvloeding te vermijden, niet net (zeg hooguit twee maanden) van te voren de officiële tarieven nog wil verlagen. Kortom: als het met de geldgroei niet snel de goede kant op gaat, zal een eventuele volgende discontoverlaging mogelijk worden uitgesteld tot na de verkiezingen.

Het is niet verwonderlijk dat DNB, gezien het plotselinge rentepessimisme op de geldmarkt, de beleningsrente maandag onveranderd liet op 5,1 procent, ondanks de sterke gulden (1,1215 gulden per D-mark).

De omvang van de jongste belening, ingaande dinsdag en met een looptijd van een week, is 2,7 miljard gulden groter dan de vorige. Daarnaast heeft DNB met ingang van gisteren de kasreserve met 4,4 miljard gulden verlaagd. Deze verlaging is ten dele, namelijk voor 900 miljoen gulden, gecompenseerd door de uitgifte van een nieuwe tranche NBC's (Nederlandsche Bank Certificaten). Aldus geeft DNB het bankwezen de komende week 6,2 miljard gulden 'extra' speelruimte. Deze ruimte is onder meer nodig om de gebruikelijke einde-maands belastingafdrachten (gisteren en vandaag) te voldoen.

Bron: Economisch Bureau ING Groep