Gedanst varieté over eerste liefde en nestgevoel

Festival a/d Werf. Voorstelling: Home. Choreografie: Mark Tompkins; decor, kostuums: Jean-Louis Badet; licht: Alain de Cheveigné. Gezien: 31/5 Utrecht, De Utrechtse School. Aldaar: 1/6.

In het Festival a/d Werf heerst altijd een ongedwongen sfeer. Dat blijkt onder meer uit het programma met produkties van onconventionele kunstenaars die in de festivalkrant worden aangekondigd als geïmproviseerd, nonchalant, droogkomisch of absurd. In die categorie past Home, een uitbundige familievoorstelling van de Amerikaanse danser/choreograaf Mark Tompkins.

Tompkins woont en werkt bijna twintig jaar in Frankrijk. In ons land kreeg hij bekendheid door zijn ingetogen choreografie Blind sight, gemaakt voor het soloprogramma Geen plek. Nergens (1987) van de Nederlandse danseres Pauline Daniëls. Vanaf die tijd zijn z'n bewegingsstukken hier met een zekere regelmaat te zien geweest op de televisie - Stamping ground, Trahisons, What about Ida - en in het theater, onder meer Nouvelles en het locatieproject La plaque tournante.

Home is een parodie op de eerste, grote liefde en het nestgevoel van de mens in de vorm van gedanst variété. Net als in een revue of clownsnummer is er sprake van een aangever en een komiek. In dit geval zijn er echter twee paljassen, de oergeestige Christian Rizzo en zijn pittige partner Christine Corday. De ernstige tegenpartij wordt gevormd door Tompkins en de Nederlander Frans Poelstra.

Omspoeld door Franse chansons en musettes wisselen de twee droogstoppels steeds van rol. Als straatvegers brengen zij eerst de actie op gang. Daarna transformeren zij zich tot de architecten van het liefdesnest voor het jonge stel. Zij bouwen het huis en richten het in om er vervolgens als een dief bij nacht in te sluipen. Dat levert soms taferelen op die verwant zijn aan de komische films van Louis de Funès en Jerry Lewis. Een enkele keer zijn de scènes te zeer uitgesponnen om boeiend te blijven.

Maar de show wordt gestolen door Rizzo en Corday met hun levendige expressie, aandoenlijk gezongen liedjes en acrobatische toeren. Met vaart en verve sollen zij met elkaar en hun baby, een speelgoedkuiken ter grootte van een kalkoen. En als zij ook nog in de huid kruipen van een soort Jan Klaasen en Katrijn wordt de voorstelling zo hilarisch dat het pubiek hen bij het eindapplaus met roffelende voeten beloond.