ETA mogelijk achter moord op generaal

MADRID, 1 JUNI. In het centrum van Madrid is vanochtend een brigade-generaal, Juan José Hernandez Rovira, neergeschoten toen hij zijn woning verliet. Hij werd naar een nabij gelegen ziekenhuis gebracht waar hij na aankomst bleek te zijn overleden. De autoriteiten schrijven de moordaanslag toe aan de Baskische terreurbeweging ETA. Een vrouw en een man die de aanslag uitvoerden zijn voortvluchtig.

Het is de derde keer in één week dat Spanje wordt opgeschrikt door een aanslag die wordt toegeschreven aan de ETA. Vorige week werd een luitenant van het Spaanse leger in Madrid gedood toen zijn auto werd opgeblazen. Zondag raakten drie toevallige voorbijgangers - een moeder en dochter en een bejaarde man - zwaar gewond, nadat twee in tasjes verborgen bommen tot ontploffing werden gebracht. De bomaanslagen, gepleegd in een openbaar park nabij Bilbao en een strand aan de Baskische kust, wekten afschuw in Spanje, vooral na de publikatie van foto's waarop een van de slachtoffers stond afgebeeld met een volledig aan flarden gereten onderarm.

Het opvoeren van het aantal aanslagen door de ETA, een terreurbeweging die een volledige afscheiding van de Baskische regio van Spanje voorstaat, wordt in verband gebracht met de Europese verkiezingen. “Dit is de manier waarop de ETA stemmen probeert te winnen”, aldus Xabier Arzalluz, de leider van de nationalistische partij in de autonome Baskische regio. De politieke tak van de ETA, Herri Batasuna (HB), ontkent dat de aanslagen van zondag het werk waren van de Baskische terreurbeweging.

Hoewel het aantal aanslagen ten opzichte van enkele jaren geleden is afgenomen, plaatst de ETA nog met regelmaat bommen en voert moordaanslagen uit op leger- en politieofficieren. De slachtoffers lijken daarbij willekeurig gekozen.