Nog geen liefde tussen 'paarse' partners

DEN HAAG, 10 MEI. Het eerste stapje is gezet. Paars mag onderzocht worden, hoewel dat in de ogen van de direct betrokkenen ongetwijfeld reeds te sterk zal zijn uitgedrukt. Onderzoek klinkt namelijk zo definitief, terwijl men nog in de oriëntatiefase verkeert. Maar een feit is dat informateur Tjeenk Willink nu eerst met PvdA, VVD en D66 praat en het CDA vooralsnog niet meedoet. Dat alleen al is een historische gebeurtenis.

Van echte liefde tussen PvdA en VVD is overigens nog lang geen sprake. Als egeltjes gaan de fractievoorzitters, Kok en Bolkestein, met elkaar om. Koppelaar Van Mierlo van D66, zich bewust van de precaire situatie, toont begrip en weet dat elk woord er één te veel kan zijn.

De vraag die alle fractieleiders gisteren van informateur Tjeenk Willink kregen voorgelegd was, welke coalitiemogelijkheid volgens hen het eerst zou moeten worden onderzocht. CDA en D66 waren daar afgelopen vrijdag in hun advies aan de koningin al duidelijk over geweest. Beide vonden dat nu eerst de paarse coalitie aan bod moest komen. PvdA en VVD hielden zich daarentegen op de vlakte. Wat Tjeenk Willink gisteren in elk geval heeft bereikt is dat Bolkestein en Kok hebben uitgesproken, dat met alle mogelijke mitsen, maren en voorbehouden nu eerst naar paars gekeken wordt.

Het stadium van “elkaars nieren proeven” is bereikt, aldus woordvoerder Van der Voet van de informateur gisteravond. De wederzijdse aarzelingen zijn bekend. Informateur Tjeenk Willink zal nu moeten onderzoeken hoe groot die aarzelingen zijn. Zijn ze te groot, dan kan hij snel de mogelijkheden van een andere coalitie onderzoeken. Een coalitie waarin in dat geval een rol zal zijn weggelegd voor het CDA. Maar geen van de drie bij paars betrokken partijen kan zich zo'n snelle knieval richting het CDA veroorloven. Vandaar dat het wederzijds aftasten nog wel enkele dagen in beslag zal nemen.

Wat de knelpunten zijn, maakte PvdA-fractievoorzitter Kok gisteren duidelijk na afloop van zijn gesprek met informateur Tjeenk Willink. “Het wordt moeilijk op het sociale vlak. Ik zie ook een aantal flinke knelpunten op het vlak van immigratie en integratie, de vreemdelingenproblematiek. Ik zie een aantal problemen op het vlak van ontwikkelingssamenwerking, maar ook milieu.” Als een doorgewinterd onderhandelaar beperkte Kok de geschilpunten niet tot alleen de VVD, maar betrok hij ook D66 erbij. Die partij zou anders door de klassieke tegenstelling tussen PvdA en VVD al te gauw in een comfortabele middenpositie terecht komen. Dus markeerde Kok de reserves die D66 toont ten aanzien van grote infrastructurele werken zoals de uitbreiding van Schiphol en de aanleg van de Betuwelijn als obstakel.

Toch zit de echte barrière voor een paarse coalitie bij PvdA en VVD. Het punt waar het aftasten zich op zal toespitsen, is de sociale zekerheid. De VVD wil een mini-stelsel, de PvdA is tegen ingrepen in het huidige stelsel. De vraag waar Kok voor staat is niet alleen of hij op dit voor de PvdA zo gevoelige punt tot een vergelijk met de VVD kan komen, maar hij zal tevens het alternatief onder ogen moeten zien. Want als het niet lukt met de VVD, zal de PvdA het moeten proberen met het CDA. En ook het CDA stelt in zijn programma verdergaande ingrepen in het sociale-zekerheidsstelsel voor. Anders gezegd: de PvdA zal op het terrein van de sociale zekerheid hoe dan ook moeten toegeven. Bolkestein heeft in de verkiezingscampagne al gezegd dat de voorstellen in het CDA-programma erg in de richting gaan van het door de VVD bepleite ministelsel.

Voor een voortgang van de gesprekken is het van belang dat het woord mini-stelsel zo snel mogelijk verdwijnt. Partijen moeten elkaar zien te vinden op de onderliggende analyse. Die ligt bij PvdA en VVD niet eens zo ver uiteen. Werkgelegenheid is bij de VVD hèt argument om in de sociale zekerheid te snijden. De hoogte van de sociale premies verhoogt de arbeidskosten en belemmert daarmee banengroei. Ook bij de PvdA is er de erkenning dat het werkloosheidsprobleem vooral een kostenprobleem is dat zich aan de 'onderkant' van de arbeidsmarkt voordoet.

Als de analyse gedeeld wordt, zijn oplossingen niet ver weg meer. Het gaat nu eerst om de politieke wil. Die moet de komende dagen blijken.