Céline

Bzzlletin 215, Célinenummer. Bzztôh, 72 blz.ƒ12,50

Het honderdste geboortejaar van Louis-Ferdinand Céline (1894-1961) wordt in Nederland gevierd met de publikatie van Normance, Frank van Woerdens vertaling van het tweede deel van Féerie pour une autre fois waarmee zijn romanwerk nu volledig in het Nederlands te lezen is, en met een themanummer van Bzzlletin over de schrijver: “Want over Célines literaire werk is het laatste woord nog lang niet gesproken - om over zijn racistische en fascistische pamfletten nog maar te zwijgen. Vooral in een tijd als deze.”

Bzzlletin zwijgt niet over de extreem rechtse pamfletten van de auteur, maar vroeg Célinekenner Em.Kummer er zijn licht over te laten schijnen. Kummer, die in 1968 de Reis naar het einde van de nacht vertaalde en in de stijl van zijn eigen romans duidelijk blijk geeft van beïnvloeding, trekt hier de beerput van Céline's racistische opvattingen helemaal open.

Kummer typeert Reis naar het einde van de nacht, Dood op krediet en Kanonnevoer als 'onsterfelijke romans' van een man die blijkens zijn pamfletten 'emotioneel zwaar gestoord was, niet erg slim, en vooral strontvervelend'.

Het stuk van Kummer over Céline's 'biologisch-racistische poëtica' is veel uitvoeriger en meer uitgesproken dan het koelere verwerpende artikel over de pamfletten in het Célinenummer van Magazine Littéraire (no.317, jan.94). Uit dit blad nam Bzzlletin vier van zijn negen artikelen over. Door Kummers artikel, een kritische vergelijking van Céline met Drieu La Rochelle door Solange Leibovici, en een stuk van Aart van Zoest over het taalgebruik van de schrijver ('Wat moeten we serieus nemen, wat is kwaadaardige boutade? Het is ermee als met Gerard Reve, je weet nooit of hij het meent') is dit nummer van Bzzlletin zeker zo interessant geworden als het Franse tijdschrift.