Informatica-opleiding moet meer naar bedrijf

DEN HAAG, 3 MEI. De informatica-opleidingen in het hoger beroepsonderwijs onderhouden in het algemeen te beperkte contacten met bedrijven en instellingen. “Nog maar weinig opleidingen hebben de stap gemaakt van ivoren toren naar netwerker.”

Dat concludeert een commissie die in opdracht van de HBO-Raad, de vereniging van hogescholen, 34 informatica-opleidingen, verdeeld over 24 hogescholen, onderzocht.

Intensievere contacten met het “werkveld” zijn nodig om richting te kunnen geven aan het streven naar kwaliteitsverbetering. Die kunnen tot stand worden gebracht door bijvoorbeeld gastdocentschappen of door ontwikkeling van “praktijkcases” in samenwerking met bedrijven, aldus de commissie.

In haar rapport 'Van isolement naar integratie' constateert de commissie met waardering dat alle opleidingen streven naar verhoging van de kwaliteit van het geboden onderwijs. Maar het ontbreekt “nog wel eens aan de juiste richting en aan voldoende samenhang”. Zo is op sommige hogescholen het opleidingscurriculum niet meer dan een verzameling vakken. De commissie constateert ook dat docenten vaak “autonome professionals” zijn, die te beperkt vanuit hun vakinhoudelijke deskundigheid opereren.

De commissie meent dat de opleidingen er goed aan zouden doen meer met elkaar samen te werken en van elkaar te leren.

Ze stelt voor een markt tot stand te brengen waar opleidingen hun beste opleidingsmateriaal en -methoden, eventueel tegen een vergoeding, aan elkaar kunnen aanbieden. (ANP)