Zegen Afrika

De verkiezingen in Zuid-Afrika zijn voorbij. En vandaag merken de zwarte armen dat ze nog precies even arm zijn als eergisteren, dat ze in hun stadskampementen nog even ver van huis zijn, dat hun mevrouw nog net zo veeleisend is, maar toch wat minder arrogant, en dat er ook vandaag maar 'een half broodje' te eten is, dat zij dus nog steeds leven in hun onvoltooid verleden tijd.

Dat wisten ze van tevoren, maar nu weten ze het weer zeker.

En toch. Het ANC heeft de verkiezingen overweldigend gewonnen. Zuid-Afrika heeft Mandela en De Klerk, en bisschop Tutu die met vier woorden de wereld liet weten hoe het werkelijk was om voor het eerst in een mensenleven te mogen stemmen: 'alsof hij verliefd was.' Dat is nu net het gevoel dat de purperen kerkvorst niet verondersteld wordt te kennen maar ieder ander wel en dus begrijpt iedereen wat hij bedoelt.

God helpe het land dat helden nodig heeft, schreef Bertolt Brecht. Dat was te makkelijk gezegd, begrijp ik nu. Soms heeft een volk helden nodig en altijd moet het een beetje geluk hebben, een ander woord voor Gods hulp.

Er bestaan twee soorten moed: een groot gevaar trotseren om de tegenstander te bedwingen, dat is de ene soort. Maar de andere is hoger: een groot gevaar trotseren om de tegenstander te vertrouwen. Dat was de moed van Anwar Sadat en Menahem Begin en het is de moed van Nelson Mandela en Frederik de Klerk. De moed van de vrede. Het soort moed waarvan Arafat en Rabin samen net niet genoeg bezitten. Het is kennelijk een gedeelde moed en dus een dubbele moed, want de een ontleent hem aan de ander, nog een overeenkomst met verliefdheid en een verschil met verdwazing.

Over drie dagen gaan de Nederlandse kiezers stemmen. Het is maar een heel kleine keus die hun gelaten is, want de partijen willen allemaal ongeveer hetzelfde. De kiezers zouden zich de moeite kunnen besparen, want hun stem maakt niet veel uit. Dat gaat zover dat de politieke theorie worstelt met een paradox: waarom brengt iemand eigenlijk een stem uit, als de kosten van het kiezen niet opwegen tegen het voordeel dat die ene stem ooit kan opbrengen. Blijkbaar stemt dus niemand uit eigenbelang, want pure kostencalculatie moet leiden tot thuisblijven. De vervreemding van de moderne kiezer werkt door in de verwarring van de politicologen.

Maar hoe komt het dat de verschillen tussen de partijen in dit land zo klein zijn? Omdat er in Nederland al generaties lang met grote regelmaat gestemd wordt en de partijen heel nauwkeurig zijn afgestemd op de kiezersvoorkeuren, zoals die jaar in jaar uit zijn gebleken. En kennelijk zijn de meningen binnen het electoraat niet gepolariseerd. Maar als niemand zou gaan stemmen zou toch in de kortste keren commissaris Nordholt zich aan het hoofd stellen van het Bijzonder Gezag, dat na enige tegenstand van Beatrix en na een korte regeringscrisis Prins Willem Alexander op de troon zou helpen en zittenblijver Ed van Thijn zou benoemen tot Burgemeester van Nederland in Crisistijd. Kok en Van Mierlo gaan ondergronds. Angstig zullen u en ik ons afvragen wat ons te doen staat.

Gelukkig het land waar niemand zich dat hoeft af te vragen.

Op het platteland van India is het dorpsbestuur vaak in handen van boevenbendes. De oppositie bestaat dikwijls ook al uit boevenpak. Vlak voor de verkiezingen verschijnen de jeeps met gewapende mannen om het kiezersvolk te intimideren. Die boeren verdedigen zich daartegen met stokken en stenen om toch maar te kunnen stemmen, ook al gaat de keus tussen dievenpartij en roverspartij. Maar de boeren beseffen dat ze alleen met verkiezingen hun corrupte bestuurders kunnen afzetten. Die bestuurders weten dat ook. Vandaar dat ze alleen aan de macht kunnen blijven als ze zich niet nog erger misdragen dan van de tegenpartij verwacht wordt. Zelfs onder die rampzalige omstandigheden kunnen vrije verkiezingen blijkbaar nog het machtsmisbruik beperken. Vandaar dat die boeren met de moed der wanhoop voor hun stemrecht opkomen.

Maar waarom moet in dit land iemand nu uitgerekend het huis uit, naar het stembureau om de democratie voor verval te behoeden, als al die anderen dat toch al doen?

Het moet niet maar het mag. En dat moet zo blijven. Hoe minder mensen stemmen gaan, des te meer gewicht de stem krijgt van degenen die nog wel gaan. Als dus de verwachting post vat dat de opkomst heel gering zal zijn, dan loont het weer om te gaan stemmen. Dat kan verklaren waarom toch altijd nog een aanzienlijk aantal mensen een stem uitbrengt, al was het maar uit pure kostencalculatie.

Met inentingen doet zich eenzelfde paradox voor. Als iedereen zich laat vaccineren tegen de tyfus, is het besmettingsgevaar vrijwel nihil. De pijn van de prik weegt niet meer op tegen de minuscule winst aan bescherming. Dus zijn er nu heel berekenende mensen die van immunisering afzien en als die berekening alom navolging vindt dan grijpt de besmetting weer om zich heen.

Maar de hele redenering hinkt op de omschrijving van 'eigen belang'. Er bestaat inderdaad een 'eigen belang' op korte termijn en in beperkt verband: de pijn van de prik en de beslommeringen van een tocht naar het stembureau tegenover de onmiddellijke individuele gezondheidswinst of politieke eigenbaat. Dat is de wereldbeschouwing van de bedrijfsboekhouding. Maar er bestaat ook een eigen belang in ruim verband en op lange termijn: daarin laten mensen zich vaccineren omdat ze ook anderen willen beschermen voor een besmetting en gaan ze stemmen omdat ze ook hun medemensen willen behoeden tegen tirannie. Een stem is ook altijd een stem op de medeburgers.

In die calculatie slaan kleine kosten om in collectieve baten. Wie stemt doet openbaar belijdenis, die komt op om zich te laten tellen. Wie stemt wil gehoord worden en wie kiest wil gezien worden. Wat iemand kiest is geheim, maar dat iemand stemt is openbaar. Verkiezingen zijn een publiek geheim.

In Zuid-Afrika hebben de kiezers nu op hun medeburgers gestemd. Het is haast onbegrijpelijk dat zij elkaar ondanks alles zozeer durven te vertrouwen dat ze bereid zijn hun gezamenlijke toekomst aan andermans stem over te laten. Pas in een vergelijking blijkt de volle maat van hun triomf.

In Zuid-Afrika is de democratie afgedwongen door een massaal volksverzet in jarenlange strijd, in Rusland kwamen de verkiezingen als een meevaller bij het verval van de dictatuur. Rusland heeft geen helden, Zuid-Afrika wel. De Russen verspilden hun stem aan dwazen en demagogen, de Zuidafrikanen konden kiezen tussen twee goeden. In Zuid-Afrika zet nu de grote ontnuchtering in, maar in Rusland ontbrak van begin af aan de bevlogenheid.

Ergens tussen die uitersten zwalkt het Nederlands bestel. Met een vloek en een zucht gaan de burgers hun stem uitbrengen om dat zo te houden tot de volgende keer.