Theo Bosch

Met respect en een gevoel van herkenning heb ik, na overlijden van Theo Bosch, het artikel van Max van Rooij gelezen in NRC-Handelsblad van 7 april.

In Almere gebeurde Theo Bosch het volgende. In de jaren zeventig streed hij voor de stadsvernieuwing en was er voor hem geen plaats voor een Almere naast de Nieuwmarkt. Hij was het inderdaad persoonlijk die toen Aldo van Eijck van het aannemen van een opdracht in deze nieuwe stad weerhouden heeft. Tien jaar later, toen het duidelijk werd dat het niet óf-óf was maar dat het een niet zonder het andere kan, toen het duidelijk was dat Almere niet alleen meer het voorbeeld van de vertrutting was maar dat ook daar weleens wat goeds tot stand komt, is hij van z'n oorspronkelijke vijandschap afgestapt. Hij is toen bij mij in Almere-Stad op bezoek geweest, we hebben rondgelopen en we hebben het over de mogelijkheid van een opdracht gehad. Hij werkte in die tijd al niet meer met Aldo van Eijck. Sindsdien is zijn naam in Almere meerdere malen aan de orde geweest bij architectenkeuzen en ik was dan ook blij dat hij in 1992 in de filmwijk een woningbouwplan kon realiseren waarmee hij voortborduurde op het in Deventer ingezette thema. In tegenstelling tot de meeste andere ontwerpers in deze expositiebuurt hoefde Theo Bosch hier niet los van een situatie te werken. Omdat hij pas later aanhaakte met z'n opdrachtgever het Bouwfonds, kreeg hij een overgebleven plek, niet bepaald aantrekkelijk in vorm en ligging ten opzichte van de zon. Juist die problematiek bleek voor hem een uitdaging en hij ontwierp een van de mooiste van de 36 plannen. Was het toeval dat zijn vroegere leermeester Aldo van Eijck, een steenworp verder, hetzelfde overkwam? Ook hij kwam laat met z'n plan voor het gezondheidscentrum, ook hij liet zien wat een architect juist met een inpassing op een moeilijke plek kan bereiken.

    • Stedebouwkundige Almere-Stad
    • Brans Stassen