Nog drie dagen

HET AFTELLEN IS begonnen. Nog drie dagen en de kiezer kan oordelen. Nog drie dagen ook en de verkiezingscampagne is ten einde. Een campagne die meer dan ooit in het teken stond van de verwachte uitslag en daardoor zo nu en dan een bizar karakter had. De partij met het minst grote verlies mag zich dinsdagavond winnaar noemen. Twee zetels meer of minder kan bepalend zijn voor de vraag of de lijsttrekker minister-president wordt dan wel of hij in de partij ter discussie komt te staan.

De voorspelde grote verandering wierp de afgelopen weken zijn schaduw al vooruit. Het gevolg was een vooral nerveuze campagne, met veel incidenten en weinig inhoud. Als er sprake was van standpunten, waren die, met het oog op de kabinetsformatie, geconditioneerd.

Egelgedrag en het voeren van een verkiezingscampagne verhouden zich niet echt met elkaar. De campagne was daardoor meer dan eens een keuze tussen losse flodder en natte vuurpijl.

BEGIN DEZE week had tegen de veertig procent van de kiezers zijn keuze nog niet bepaald. Nooit eerder was de twijfel zo groot. Stemmen uit overtuiging begint een zeldzaamheid te worden; steeds vaker is het een kwestie van afstrepen. Een dergelijk gegeven heeft onmiskenbaar gevolgen voor de campagne. Want wat moet het antwoord van de politicus in een coalitieland zijn op een dergelijk wispelturig gedrag van de kiezer? Het weinig verheffende resultaat was de afgelopen weken dagelijks waar te nemen op de televisie. Tussen lijsttrekkers werd een actie-reactiespel opgevoerd met als telkens terugkerende uitkomst dat de beslissingswedstrijd pas tijdens de kabinetsformatie zou worden gespeeld.

De weinige debatten die er waren, verengden zich al snel tot de vraag over de mate, in plaats van over de richting. Het vraagstuk van de criminaliteit is teruggebracht tot een dispuut tussen oppositie en regeringspartijen over de vraag hoeveel nieuwe cellen er nu zijn gebouwd dan wel waartoe de opdracht is verstrekt. Worden de hoge tonen uit het debat over de asielzoekers weggedraaid, dan valt allereerst de consensus op over grote delen van het beleid. Het sociaal-economisch debat kwam niet veel verder dan het uitwisselen van voors en tegens van een basisstelsel in de sociale zekerheid.

ZO WERD HET een campagne waarin de incidenten overheersten. Gaandeweg verslechterde de onderlinge sfeer tussen ministers. Vorige week was er de controverse tussen minister-president Lubbers en vice-premier Kok, en deze week kwam daar de ruzie bij tussen de ministers Van Thijn en Hirsch Ballin. En ook nog Kok versus (het salaris van) Duisenberg. In de sector kleine aanvaringen was er nog het verschil van mening tussen minister De Vries (sociale zaken) en zijn staatssecretaris Wallage. Het kabinet Lubbers/Kok is nog niet demissionair, maar het voertuig is enkele weken geleden al wel in de modder tot stilstand gekomen, waarna de inzittenden ieder huns weegs zijn gegaan. Alleen daarom al is te hopen dat de demissionaire fase straks beperkt zal zijn.

DAT KAN BIJ een snelle kabinetsformatie waarop de afgelopen campagneweken al regelmatig een voorschot is genomen zonder dat daarbij overigens echt duidelijkheid ontstond. In een situatie waarbij niemand elkaar uitsluit, is uiterste behoedzaamheid vereist. Er werd gesproken over de paarse coalitie maar niet meer dan dat, omdat alle andere combinaties ook nog mogelijk zijn. Het saldo is nog meer onduidelijkheid. Wie op even dagen de paarse coalitie als een wenkend perspectief schetst om op oneven dagen de nadelen ervan op te sommen, maakt het er voor de kiezer niet gemakkelijker op. Strategie is nu eenmaal meer iets voor de onderhandelingstafel dan voor een verkiezingstournee.

Nog drie dagen zijn er te gaan. Een campagne loopt ten einde waarin de politieke partijen er minder toe deden en lijsttrekkers meer. Gevoegd bij de door de opiniepeilingen in het vooruitzicht gestelde grote verschuivingen heeft dit de verkiezingsstrijd zijn bijzondere karakter gegeven. Een rapport over het opheffen van een rechercheteam, een televisie-uitzending over een commissariaat, een interview van de minister-president waarin hij wat vrijmoedig filosofeerde, het bleken allemaal bananeschillen - met nerveuze politici en de kiezer als toeschouwer en recensent van vertoonde acrobatiek.

VERKIEZINGSWEKEN zijn nooit hoogtepunten van burgerschapskunde en de klacht dat een campagne te weinig over de onderwerpen zelf en te veel over de incidenten gaat, is zo oud als het algemeen kiesrecht zelf. Een vooravond van een politieke aardverschuiving kan echter ook te lang duren. Iedereen wordt een beetje moe en het zal goed zijn wanneer het zover is: nog drie dagen.