Het cement van D66 heet kunst

D66 maakt zich op om het CDA op te volgen als nieuwe middenpartij van Nederland. Althans, partijleider Hans van Mierlo beantwoordde gisteravond op een laatste zwoele campagne-avond in Maastricht een vraag van een BRT-radioverslaggever in die zin.

Wel zijn er verschillen tussen het CDA en de nieuwe middenpartij, benadrukte Van Mierlo. D66 neemt radicale standpunten in als het gaat om milieu of om bestuurlijke en staatkundige vernieuwing. En dan is er natuurlijk nog een in het oog lopend verschil dat de leider niet uitsprak, en dat is dat het CDA een confessionele partij wil zijn en D66 niet. Dat confessionele profiel hebben de christen-democraten eigenlijk vooral tijdens de campagne zo aangezet, want de partij die arm en rijk, jong en oud in zich verenigt, zegt dat te doen door het wondermiddel van het geloof in één God. Dat noemen de CDA'ers graag het cement van de samenleving.

Gisteravond sloeg D66 terug: ook de democraten hebben een element gevonden dat alle mensen verbindt: de kunst. En daarom, zo viel af te leiden uit het betoog van Van Mierlo, was de laatste campagnedag geheel gewijd aan cultuur. Had Harry Mulisch over literatuur immers niet gezegd dat zij iets onthult over jezelf? En dat geldt niet alleen voor literatuur maar voor alle kunst, zo betoogde Van Mierlo. “Niet het bijzondere maar het algemene treft je, en dat heb je gemeen met de kunstenaar”, aldus de leider van de democraten. En zo biedt de kunst na de religie troost, want het individu weet dat hij de schok die hij voelt bij de kennismaking met een kunstwerk deelt met velen. (FV)