Het nieuws van zaterdag 30 april 1994

Krab

Op de grote steen die zo'n vier meter onder het terras ligt, zitten meestal twee krabben, zo ver mogelijk uit elkaar, want krabben zijn achterdochtig. En met reden, maar daarover later meer. Ze maken eetbewegingen in het zwartgroene mos dat op de steen groeit en af en toe klotst er een golf over ze heen. Dat moment, dat overspoelen, voelen ze, of horen ze, van te voren aankomen, net als de papegaaivis met de gele staart, die vlak voor diezelfde steen in zee zwemt, dat voelt. Hij laat zich gevaarlijk meevoeren tussen de stenen over plekken die als er veel water wegloopt, wel eens droogvallen, maar hij weet handig aan dat watergebrek te ontkomen door een snelle slag met zijn gele staart (normaal zwemt hij met zijvinnen), die dan boven het oppervlakte uitzwaait, als een vlag. Van alle vissen eten slechts het zwarte slijmvisje en de stoplichtpapegaaivis zo dicht aan de oppervlakte van de stenen en de koraal. De laatste is zowel rood (en zwart) als groenblauw, in het laatste geval met de gele vlek op de staart en waarschijnlijk door die kleurfasen de stoplichtpapegaaivis genoemd. Zijn uiterlijk is zo prachtig getekend, dat hij slechts zelden als voedsel voor de mens dient: men vindt hem gewoon te mooi en zo vormt zijn uiterlijk een prachtig afweermiddel tegen de mens, want mooie dieren, in onze ogen mooi dan, worden het beste en het meeste beschermd. Lelijkheid of een eng uiterlijk helpt daarentegen niet tegen de menselijke eetlust, denk maar aan kikkerbillen, kreeft, oesters, aal, inktvis en het zwijn. Toch eten we geen rat, hoewel onze zuiderburen het waterkonijn wel op de kaart hebben. En ook de hond komt in China gewoon op tafel, niet om te eten, maar om gegeten te worden. Zie ook Broodje Aap. Ik kwam gisteren overigens onder water een enorme kreeft tegen - die hier hebben geen scharen - en ik vond hem behoorlijk angstaanjagend (dat is bij mij, onder water, trouwens nogal snel).