Was de toestand maar Amerikaans!

Nederland is Amerika niet en zal het nooit worden, al konden we best ons voordeel doen met wat meer Amerikaanse peper in onze kont. Waarom gezeurd over 'Amerikaanse toestanden' als de Nederlandse toestand ernstig genoeg is? De verklaring voor het wijzen op het gevaar van Amerikaanse toestanden is eenvoudig genoeg. Het is een achterhoedegevecht, een laatste verdedigingsstelling van hen die niets willen veranderen. Het is een goedkope truc om de discussie te frustreren.

En dan de waarschuwingen voor de 'amerikanisering' van de Nederlandse politiek. Wat een onzin. De Nederlandse politieke campagnes zijn puur Nederlands. De koppen zijn Nederlands, de praatjes zijn Nederlands, de stijl is Nederlands. Verkiezingscampagnes hebben iets van een ongemakkelijke klompendans: een hoop gratuit lawaai, veel houterigheid, weinig stijl en geen enkele erotische lading.

Discussies gaan hier over procenten en details, want grote verschillen tussen de partijen zijn er niet. De grote onderwerpen worden zorgvuldig vermeden of bij de SER geparkeerd. Hoewel een hard woord op zijn tijd niet wordt geschuwd, houden de politici er voortdurend rekening mee dat ze straks weer allemaal samen een regering moeten vormen. Time for a change, Throw the rascals out: niet direct banieren waaronder hier campagne wordt gevoerd.

Was de Nederlandse politiek maar wat Amerikaanser. Als het verantwoording afleggen voor je politieke daden, en daar ook gevolgen aan verbinden, hier net zo gewoon was als in de VS, dan hadden de heren van Thijn en Hirsch Ballin vorige maand het veld geruimd. Dan was premier Lubbers al lang gestraft voor het vermengen van privè- en staatsbesognes tijdens zijn bezoek aan Saoedi Arabië. Dan had Bukman zijn amice-briefje niet overleefd. En ja, dan had Brinkman zich wel twee keer bedacht om zijn commissariaat aan te nemen. Bovendien zou de halve Kamer wegens gebrek aan prestaties zijn verdwenen - zonder de helpende hand van Rottenberg.

In Nederland dekken we veel af. We geloven graag dat we een meer plezierige, minder corrupte en minder harde samenleving hebben dan de Amerikaanse. Op het plezier valt wel wat af te dingen, van de corruptie hebben we pas een tipje van de sluier opgelicht en je kunt niet echt zeggen dat een samenleving die anderhalf miljoen mensen inactief houdt zo vriendelijk is. Is de mannetjesmakerij dan zo Amerikaans? Natuurlijk niet. We doen het hier al jaren. Joop den Uyl riep ons op om op de minister-president te stemmen, en ook Van Agt wist wel raad met het persoonlijke element. En laten we wel wezen, ook de lezertjes en kijkertjes vreten het.

Uiteindelijk gaat het natuurlijk ook om de mannetjes en vrouwtjes. De meeste Kamerleden zijn grote onbekenden en dus richten we ons op de lijsttrekker. Anders dan de Amerikanen houden we ons niet of nauwelijks bezig met het privé-leven van politici. Dat zal ook niet echt gauw veranderen, want het speelt hier niet de rol die het in Amerika heeft. Daar moeten mensen besluiten over het karakter van een verder tamelijk onbekend persoon, die nauwelijks kan worden weggestuurd. Als zo iemand liegt en bedriegt, of zijn broek niet aan kan houden, dan is dat relevante informatie.

De lijsttrekkers, hun uitstraling, hun presentatie - Nederlandser kan het toch niet? Neem de viskomsfeer van 'Den Haag Vandaag' en andere politieke rubrieken, de ruzie tussen de KRO en het CDA, en het gebrek aan werkelijk intelligent, baanbrekend en hard debat. Neem het verschil tussen wat er vóór 3 mei en ná 3 mei in Nederland gaat gebeuren, en vergelijk dat met het verschil dat de komst van Bill Clinton maakte na twaalf jaar Republikeins bewind. Er is alle reden om ontevreden te zijn met de Nederlandse politiek - maar geen enkele om dat aan ver-Amerikanisering te wijten.

    • Frans Verhagen
    • Kwartaalblad over de Verenigde Staten